Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE SLAGEN AAN DE OURCQ EN DE MARNE 3QQ

4*^$a4angen tijd VEucb|e|oc«, geweza^heeft op het gevaar, dat de Duitsche aanval zich ten Westen van de Maas kou uitbreiden! Pe 'uitkomst stelde hem op schitterende wijze in het gelijk. Dat moge £99f Jfefre en zijgti?9taf minder aangenaam geweest zijn, maar het gaf toch aUerminst aanleiding, noch recht, om den flinken commandant van het 5e Leger op smadelijke wijze te vervangen, op een Zoo gewjchtig oogenblik als waarop het geschiedde! Naast Galliéni, mag Lanrezac genoemd worden als redder van Frankrijk.

Het bevel over het 5e Leger werd op 3 September opgedragen aan generaal Franchet d'Espérey, tot dusver commandant van het ie legerkorps van dat Leger.

Tusschen de Engelschen en het 5e Leger kon het &avAlerie-korps Conneau het verbafll'niet voldoende onderhouden.

Het ge Leger stond op 5 September ter weerszijden van Sézanne, tot ten Zuiden van de „marais de St. Gond." , -jtar a

Het 4e Leger was op 5 September bij VitryrleFrancois, het 3e Leger tusschen Varennes en Verdun.

Verschillende Fransche schrijvers, en ook von Kuhl, wijzen er op, dat de toestand van de Fransche legers, op het tijdtsip waarop tot het offensief werd overgegaan, niet gunstig was.

Lanrezac's 5e Leger had, om aan de Duitsche omvatting te ontkomen, van 1 tot 5 September dag en nacht moeten marcheeren. Vele soldaten verlieten de gelederen, voorgevende verdwaald of Ziek te zijn. Zij vormden troepjes, die de marcheerende colonnes vooruitliepen, overal plunderden en onder de bevolking schrik en angst verspreidden.

Sluiten