Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE SLAGEN AAN DE'-ÖÜRCQ EN DE MARNE 337

den rechter als den linker vleugel der Fransche legers te omvatten en terug te werpert.' Misschien zou zoodoende de mogelijkheid ontstaan om den vijand een Zelfde lot deelachtig te doen worden, als Hanmbal de Romeinen bij Cannae deed ondergaan. Intusschen is het terrein tusschen epinal en Toul door zijn buitengewone natuurlijke sterkte zoo goed als onneembaar. Deze „trouée de Charmes" is door de Franschen niet van versterkingen voorzien. Toen nu de Duitsche 6e en 7e Legers op 24 Augustus naar Lunéville en St. Dié oprukten, konden zij weinig vorderen, en hadden zij tevens uit het Z. tegenaanvallen af te slaan.

Niettemin werd het Duitsche offensief nog voortgezet. Men waande althans s vijands krachten te zullen binden. De vestingwerken van Nancy Zouden met zwaar geschut worden aangevallen. De linker vleugel van het 6e Leger moest trachten bij Bayon door te breken, terwijl het 7e Leger de linker flank tegen Epinal zou dekken. De aanval op ,4e grand couronné de Nancy" — de versterkte kring van hoogten ten O. van deze stad — begon op 4 September, doch maakte weinig voortgang. Op dit tijdstip trokken van de Franschen reeds sterke troepenafdeelingen der O. legers naar het W.

Op 4 September nam ook het Duitsche legerbestuur het besluit 2 legerkorpsen, 1 cavalerie-divisie en een legercommando naar het W. te doen overbrengen. Het spoorwegvervoer begon op 7 en 8 September, de Belgische banen waren weer in orde; de troepen konden via Luik en Brussel tot Mons worden gebracht.

Maar het was te laat.

De slag aan Ourcq en Marne was in zijn laatste stadium. De aangevoerde troepen konden niet meer tijdig ingrijpen.

Sluiten