Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

67

Het orgaan voor de samenwerking is dus een armenraad, die door de Kroon kan worden ingesteld, hetzij in eene gemeente, hetzij voor eenige gemeenten of gedeelten van gemeenten gezamenlijk. Wanneer een armenraad zal worden ingesteld, bepaalt de wet niet; de bedoeling is, dat er een zal komen overal waar er behoefte aan is en het instituut kan slagen. De armenraad zal bestaan uit vertegenwoordigers van alle instellingen van weldadigheid, die binnen het ambtsgebied van den raad armenverzorging buiten gestichten ten doel hebben. Alleen het burgerlijk armbestuur of, bij gebreke daarvan, Burgemeester en Wethouders zijn verplicht een vertegenwoordiger aan te wijzen. De kerkelijke, particuliere en gemengde instellingen zijn tot aanwijzing niet verplicht. De leden van den raad zitten voor vier jaar. De raad benoemt een bestuur en, wanneer de Kroon dat bij de instelling van den raad bepaald heeft, ook plaatsvervangende bestuursleden. Die benoeming is eenigszins ingewikkeld en in de wet geregeld; ze is nader geregeld bij Kon. besluit van 18 Juli 1912 (Staatsblad no. 264), gewijzigd bij Kon. besluit van 29 Januari 1913 {Staatsblad no. 42). Voor het doel van deze uiteenzetting is een overzicht hiervan overbodig. Het besluit is in dit boekje opgenomen achter de wet.

De raad benoemt den voorzitter Van den armenraad; de Kroon benoemt den secretaris, die ook uit 's Rijks kas bezoldigd wordt.

Art. 50 van de wet wijst den Burgemeester van de gemeente, waar de raad zijn zetel heeft, aan, om den raad op gang te brengen, d. w. z. zijn eerste vergadering bijeen te roepen en te leiden.

Wat is nu de taak van dit nieuwe orgaan? Art. 56 geeft een opsomming, maar die zegt zoo weinig omdat zij niet als limitatief is te beschouwen en per saldo dus beslissend zal zijn de geest van de menschen, die met den armenraad moeten werken. Het is daarom beter, in 't algemeen te trachten een

1) Er Is een armenraad ingesteld in de volgende gemeenten: Den Haag, Utrecht, Amsterdam, Zaandam, Arnhem, Groningen, Middelburg, Leeuwarden, Rotterdam, Leiden, Dordrecht, Maastricht, Vlaardingen e. a., Gouda, Deventer, Opsterland, Smallingerland, Haarlem, Nijmegen, Helder, 's-Hertogenbosoh, Breda, Vlissingen, Princenhage ca., Hilversum, Roermond, Meppel, Hoogezand c.a.. Delft ca.. Alkmaar, Enschede, Heerlen ca., Schiedam. De armenraad te Schiedam is opgeheven bij Kon. besluit van S April 1916, no. 5, op grond van de volgende overwegingen: „dat ook in aanmerking genomen dat de secretaris van den armenraad te Schiedam geruimen tijd tn militairen dienst is geweest, uit het verslag over 1914 van den raad slechts kan worden afgeleid, dat die raad tot einde 1914 niet aan zijn doel beantwoord heeft; dat in dien toestand ook in 1915 geen verandering is gekomen; dat, gelet op de plaatselijke toestanden, in verband met het bezwaar om in de vacature van secretaris van dien raad op richtige wijze te voorzien, moet worden aangenomen, dat er geen vooruitzicht bestaat dat de raad alsnog aan zijn doel zal gaan beantwoorden".

Armenraad. ')

Sluiten