Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

37

Artikel 1.

(1) De invoer en de verkoop van opium, zoo bereid als onbereid, in het gebied der Opiumregie in de residentie Palembang, anders dan door de regie, zijn verboden (1).

(2) Ten aanzien van het verbod in de vorige alinea worden mei opium gelijkgesteld: morphine, praeparaten van opium, opiumhoudende of met opium vermengde vaste stoffen en vochten, zoogenaamde opiumpillen, opiumpoeders, anti-opiumpillen en anti-opiumpoeders, en alle andere zaken van dien aard, welke morphine of opium bevatten of daarmede vermengd zijn.

Artikel 2.

(1) Door de regie wordt bereid onium in het klein vAi-Wht. ™

de daarvoor aangewezen en als zoodanig kenbaar gemaakte plaatsen, door de daartoe aangestelde personen en in de daarvoor vastgestelde verpakking.

(2) Dit opium wordt bereid in eene daarvoor bestemde fabriek der regie.

(3) De Gouverneur-Generaal stelt bepalingen vast omtrent den verkoop van bereid opium door de regie en omtrent de verpakking daarvan.

Artikel 3 (2).

(1) Zij, die voorzien zijn van daartoe door het Hoofd van gewestelijk bestuur schriftelijk verleende vergunningen, zijn bevoegd om de door hem aan te wijzen gebouwen in te richten en te gebruiken tot opiumverbruikplaatsen, die kitten worden genoemd, en waarin aan het algemeen gelegenheid wordt gegeven medegebracht bereid opium te gebruiken. Deze vergunningen worden verleend voor verbruikplaatsen öf voor mannen öf voor vrouwen, en onder het voorbehoud, dat zij te allen tijde door het Hoofd van gewestelijk bestuur schriftelijk kunnen worden opgezegd. Vergunning (1) Deze alinea wordt aldus gelezen ineevolse 8 TT snh 1a7> dor nrrtnn.

nantie van 6 Februari 1906 (Staatsblad no. 89) juncto artikel 1 der ordonnantie van 26 Juni 1914 (Staatsblad no. 468).

(2) Dit artikel is opgenomen zooals het luidt ingevolge artikel 1 der ordonnantie van 17 Januari 1901 (Staatsblad lo. 62).

Sluiten