Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

59

van den Hoofdinspecteur der Opiumregie, buitengewone belooningen toe te kennen aan personen, die zich ter ontdekking van overtredingen bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt.

(2) Het Hoofd van gewestelijk bestuur beslist wie als aanbrenger, als aanhaler en als medewerker moeten worden aangemerkt.

(3) Een ieder, die in meer dan een categorie werkzaam is geweest, heeft aanspraak op aandeel uit elke, waarin hij zijne diensten heeft varleend.

(4) De verdeeling tusschen meerdere aanbrengers, aanhalers of andere deelgerechtigden geschiedt door het Hoofd van gewestelijk bestuur naar gelang van ieders verdiensten.

(5) Aandeelen, waarop niemand aanspraak heeft, blijven mede beschikbaar voor de toekenning van buitengewone belooningen op den voet van de slotbepaling in het eerste lid.

(6) De voorschriften van artikel 2 van de resolutie van 16 September 1833 ff 6 (Staatsblad II' 56) en van artikel 1, letter b, van het besluit van 18 September 1853 11' 5 (Staatsblad ff 73), alsmede van het besluit van 11 April 1874 ff 14 (Staatsblad ff 106) blijven gehandhaafd.

(7) Wanneer het, naar het oordeel van het Hoofd van gewestelijk bestuur, niet twijfelachtig is, dat de verbeurdverklaring van eenige partij aangehaald opium door den rechter zal worden uitgesproken, zoomede indien de eigenaren van het aangehaald opium, daaronder begrepen de zaken bedoeld in de tweede alinea van artikel 1, niet bekend zijn of uit anderen hoofde geen strafvervolging wegens overtreding kan worden ingesteld, geschiedt de uitkeering op de wijze als bij de vorige alinea's is aangegeven, binnen acht dagen na ontvangst der in de eerste alinea van artikel 11 bedoelde verklaring van den Directeur van de fabriek der Opiumregie of van den Scheikundige bij die fabriek.

Artikel 14.

De voorschriften van deze ordonnantie zijn niet van toepassing op den invoer, den eigendom, het bezit, het vervoer én den verkoop van opium en de andere in artikel 1 genoemde zaken voor geneeskundig gebruik, behoudens de daaromtrent bestaande of nader vast te stellen bepalingen.

Artikel 15.

Opium ingekocht bij een der verkoopplaatsen van de Opiumregie buiten de residentie Djambi wordt ten aanzien van de bepalingen

Sluiten