Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 5.

(1) Jongelieden, van wie men niet met genoegzame zekerheid weet, dat zij den leeftijd van achttien jaren bereikt hebben, zoomede gewapende of beschonken lieden, worden in de kitten — onverschillig voor mannen of voor vrouwen — niet toegelaten. In de kitten voor vrouwen worden geen mannen en in de andere kitten geen vrouwen toegelaten.

(3) Dobbel- of andere spelen, hoe ook genaamd, zijn daarin verboden.

(3) Evenzoo is het aan een ieder verboden in een opiumkit oi hare aanhoorigheden goederen tegen gereed geld in pand te nemen of te koopen.

(4) Het Hoofd van gewestelijk bestuur bepaalt in overleg met den Hoofdinspecteur, Chef van den dienst der Opiumregie, voor elke kit gedurende welke uren zij voor het publiek toegankelijk mag worden gesteld, met dien verstande, dat de kitten in elk geval van elf uur des avonds tot half zes uur des ochtends gesloten zullen zijn.

(5) De kithouder is strafbaar, indien handelingen worden gepleegd in strijd met de le, de 2e of de 4e alinea van dit artikel, of indien hij de bezoekers van de kit op eenigerlei wijze van opium voorziet of doet voorzien, ook al draagt deze handeling niet het karakter van verkoop, dan wel indien hij toelaat, dat de bezoeker» elkander in de kit op eenigerlei wijze opium afstaan.

Artikel 6.

(1) Behalve in de gevallen, bedoeld bij de artikelen 11, 12 en 13 en behoudens het bepaalde bij de artikelen 17 en 24 dezer Bepalingen, is het aan niemand, wie het ook zij, geoorloofd in eigendom of in voorraad te hebben, te bezitten of te vervoeren:

a. ruw opium;

b. bereid opium, dat niet is gekocht bij een der verkoopplaatsen van de Begie;

c. meer dan één thail bereid opium, onverschiUig van wien gekocht of verkregen;

d. zaken, als bedoeld in de tweede alinea van artikel 1, welke niet kunnen worden aangemerkt als bereid opium, gekocht bij een der verkoopplaatsen van de Begie, of als daarvan verkregen overblijfselen van gerookt opium;

63

Sluiten