Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

152

Artikel 7.

Als opium, niet gekocht van de Eegie, wordt beschouwd en behandeld:

a. opium in andere verpakking dan die, voor de Eegie door den Gouverneur-Generaal vastgesteld;

b. opium, aangetroffen in de oorspronkelijke verpakking der Eegie, of eene daaraan gelijke, doch waarvan de onwettige herkomst is bewezen.

Artikel 8.

(1) Het is verboden:

a. uit overblijfselen van gerookt opium opnieuw opium te bereiden;

b. overblijfselen van gerookt opium te vervreemden anders dan aan de Eegie.

(2) Het Hoofd van gewestelijk bestuur is bevoegd om in overleg met den Hoofdinspecteur der Opiumregie het verbod sub b bovengenoemd, voor bepaalde landschappen of streken tijdelijk buiten werking te stellen.

Artikel 10 (*) (=).

(1) In de residentie Menado zijn het bezit, de eigendom en het vervoer van opium en van overblijfselen daarvan, ook al is dat opium of zijn die overblijfselen van de Eegie afkomstig, verboden:

(1) Artikel 9 is ingetrokken b\j § I der morphine-ordonnantie van 26 Augustus 1911 (Staatsblad no. 485), b\j § II waarvan bepaald is dat, waar in de Celebes Regie-ordonnantie wordt verwezen naar artikel 9 der betrekkelijke „Bepalingen", moet worden geacht te zijn verwezen naar de morphine-ordonnantie.

(2) Artikel 10 is opgenomen zooals het wordt gelezen ingevolge artikel 1 § I der ordonnantie van 16 December 1909 (Staatsblad no. 582), welke in werking is getreden op 1 Mei 1910 en waarvan artikel 2 luidt:

Ten tweede: De vergunningen tot het bezit en vervoer van opium uitsluitend voor eigen gebruik, bedoeld in alinea I sub b van artikel 10 der ordonnantie van 12 Februari 1907 (Staatsblad no. 114), zooals het wordt gelezen ingevolge artikel 1 hiervoren, mogen alleen afgegeven worden aan hen die op het tijdstip van inwerkingtreding van de onderwerpehjke ordonnantie reeds ter plaatse gevestigd zijn en geregeld opium gebruiken.

Sluiten