Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

224

gen Stedehouder van Karangasëm, Goesti G'de Djilantik, van den tegenwoordigen Bestuurder van Bangli, Dewa G'de Tangkeban en van den tegenwoordigen Soesoehoenan van Kloengkoeng, Dewa Agoeng Poetra, worden de bepalingen van de alinea's 1 en 3 van artikel 2 in zoover uitgebreid dat aan hen op de wijze als voor bereid opium omschreven door de regie ook ruw opium in het klein wordt verkocht, eene door den resident van Bali en Lombok vast te stellen hoeveelheid per maand niet te boven gaande, ten einde hen in de gelegenheid te stellen daaruit naar eigen wijze voor zich en de medebewoners van hunne poer i's bereid opitfm te maken.

(2) De verbodsbepalingen in de eerste alinea van artikel 6 zijn tijdens het leven van dein de vorige alinea bedoelde waardigheidsbek1eeders niet van toepassing op hen en de medebewoners vanhunne poer i's, voorzoover betreft het binnen de grensmuren van die poer i's in eigendom of in voorraad hebben, bezitten of vervoeren van opium of overblijfselen van opium, mits daarin de kenmerken aanwezig zijn, welke aan het opium der regie in de residentie Bali en Lombok, met uitzondering van de afdeeling Lombok, niet kunnen ontbreken, dan wel van de in § f der genoemde alinea bedoelde gereedschappen, terwijl het bepaalde sub a van de artikelen 7 en 8 gedurende het aangegeven tijdsverloop binnen de bedoelde grensmuren slechts in zooverre van toepassing is, als bestaanbaar met de in de vorige alinea omschreven tijdelijke uitbreiding der bepalingen.

Artikel 25.

(Over opium, hetwelk bezeten werd bij de inwerkingtreding der ordonnantie; is vervallen door verloop van tijd). III. Deze ordonnantie treedt in werking op den laten April 1908 en kan worden aangehaald als de „Bali regie-ordonnantie".

Sluiten