Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23

Generatie iv. daarentegen des te meer achteruitgang en verarming, óók bij vele vroeger welgestelden.

De landprijzen waren schrikbarend gedaald, landerijen en hofsteden veelal met schuld bezwaard, handel en nering kwijnden.

Wat lag nu meer voor de hand dan dat Tak, wanneer er een winstje als om belegging smeekte, niet ongenegen was, verarmde grondeigenaars tegen baar geld van hunne sterk in waarde gedaalde bezittingen af te helpen? Natuurlijk tegen den prijs van die dagen.

Toen in 1813/4 ('n Zeeland het laatst) het Fransche bewind werd afgeschud en Oranje ingehaald, braken betere tijden aan.

Het Continentaalstelsel had afgedaan (en daarmede het stelselTak); handel en scheepvaart, nijverheid en landbouw herleefden, welvaart groeide weer in het voormalige „Departement der Scheldemonden."

En de landprijzen stegen, stegen en de pachten naar verhouding en de slimme Tak, die zoo menigen Zeeuw in den Franschen tijd van zijn onroerende goederen had afgeholpen (zaken zijn nu eenmaal zaken), werd met den dag rijker en ten slotte de grootste grondeigenaar van Zeeland.

Ik zeide u dat hij „flair" had

Hebben voorspoedige menschen in gewone tijden hunne benijders, iemand als tak, die goed de teekenen van zijn bewogen tijd had verstaan, ondervond als vanzelf geen vriendelijk oordeel van de verarmde familiën, welke hem in hunne zwaarste jaren hun land hadden afgestaan

Intusschen ging hij rustig zijns weegs, in den handel oververdiende kapitalen op oud-Zeeuwsche wijze in landerijen beleggend, de bedijking van nieuwe polders steunend.

Onder de door hem verworven goederen noemen wij met name de ambachtsheerlijkheid Poortvliet, in 1839 van de familie de Jonge te Tholen gekocht.

Een beknopt overzicht der geschiedenis van deze heerlijkheid is te vinden in „Zelandia Illustrata" deel II, ie aflevering.

Zij omvatte de polders Poortvliet en Malland, Baarsdijk,

Sluiten