Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

64

Generatie VI. 1848, ongehuwd overleden op de buitenplaats „Duinvliet" nabij Domburg 24 Augustus 1907.

Met Mr. J. P. R. Tak van Poortvliet is hij één der twee groote mannen van zijn geslacht geworden.

Het is niet gemakkelijk, in dit hybridisch werkje, mengsel van genealogisch en biografisch schetswerk, een eenigszins gelijkend beeld te geven van een figuur als Pieter Lodewijk Tak.

Ik moet hiervoor een beroep doen op „De Kroniek" van 19 October 1907, een indrukwekkend „In Memoriam", door TAK's geestelijke en politieke vrienden aan hem gewijd.

Het verwijt van plagiaat wijst schrijver dezes bij voorbaat af; vreemdeling op journalistiek en politiek gebied, moet hij zijn licht wel zoeken, bij Tak's geestverwanten.

Allereerst over zijn jeugd.

In 1861 verwisselde hij de lagere school voor het gymnasium te Middelburg. De rector, Dr. H. Polman Kruseman, had van zijn leerling groote verwachtingen. Schoon hij Tak's lateren groei niet heeft beleefd, moet hij eens gezegd hebben:

„Onder mijne oud-leerlingen zijn er, die minister, lid van den Hoogen Raad en van den Raad van State werden, maar de begaafdste van allen, blijft Piet tak."

De tijd heeft Dr. Kruseman in het gelijk gesteld.

In 1867 wijdde TAK zich te Leiden aan de studie van het Recht (in 1868 lid van „Non sordent"); na ruim drie jaren, (deed hij zijn candidaats, doch tot doctoraal kwam het niet.

Hoezeer het hem gemakkelijk ware gevallen, af te studeeren en een schitterende carière te maken bij balie of magistratuur, bleek hij er de man niet naar, in een ambtelijk gareel te draven.

Zijn fiere, onafhankelijke geest wilde zich niet naar conventioneele begrippen wringen.

Zonderling tegenstrijdig schijnt het dat TAK, die zélf niet afstudeerde, door zijn vriendenraad en zedelijk overwicht anderen overreedde dit wel te doen, ja, zelfs de medische dissertatie van een zijner vrienden hielp schrijven.

Sluiten