Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

E

DE EGYPTISCHE BOUWKUNST.

33

verbonden door een weg, waaraan ruim 600 dergelijke beeldwerken liggen. Over dezen geplaveiden, breeden weg, dromos genaamd, bewogen zich bij feestgelegenheden de lange processies.

Het geheele tempelterrein is ten slotte omringd door een muur. Van den tempelbouw zelf zijn

I Fig. 30. alle vertrekken symmetrisch langs een langsas gerangschikt. Deze langsas is niet altijd recht doch soms gebroken tengevolge van terrein moeilijkheden. Alle vertrekken bestaan slechts uit één verdieping en worden van voor naar achteren

Fig, 30, 38. steeds lager en kleiner. Bovendien wordt eveneens van voren naar achteren de vloer steeds

Fig. 34. Zuilen van den tempel van koning Tehutimes III te Karaak.

Fig. 33. a en b. Lotusbloem en knop. • c, d en e. Papyrusbloemen.

hooger, zoodat ieder achtereenvolgend tempeldeel een paar treden hooger ligt. Daar ook uitwendig de ingang wordt aangeduid tusschen de twee hooge torens, spreekt uitwendig ieder deel van het vastaaneengesloten geheel toch duidelijk. Inwendig is alleen de hypostyle van de peristyle gescheiden door een lage, met een hollijst gekroonde en door decoratieve paneelen ingedeelde borstwering, die Fig. 39. ongeveer tot halverhoogte de zuilen reikt. Tusschen de beide middenste zuilen is de borstwering door een ingang onderbroken.

De groote tempels vormen een niet op zichzelf afgerond geheel, doch meer een herhaling van vertrekken; door elkaar opvolgende pharao's zijn ze dan ook steeds uitgebreid geworden door er eenvoudig

Sluiten