Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX. DE BOUWKUNST IN CHINA.

N CHINA, EEN GROOT EN ZEER DICHT BEVOLKT RIJK, ') ontwikkelde zich een kunst, evenals de Indische, reeds in vele eeuwen voor onze jaartelling. Hoewel we omtrent de oudste uitingen op kunstgebied gebrekkig zijn ingelicht, en uit dit oude tijdperk ongeveer geen monumenten zijn

overgebleven, kan de geschiedenis van de kunst toch gevolgd worden tot + 1700 v. Chr. Hoewel het langen tijd als vaststaand gold, dat de Chineesche kuituur, afgesloten van de wereld, geheel uit zichzelf zich ontwikkelde, is later toch gebleken, dat wel degelijk invloeden van buitenaf zich deden gelden.

De oudste Chineesche bouwkunst is beïnvloed geweest door de Babylonisch Assyrische bouwkunst. Tempels werden niet gebouwd, doch offers gebracht in de open lucht op hooge terrassen. De godsdienst van de Chineeschen was niet gebaseerd op mythen en legenden, doch omvatte voornamelijk een vereering van den hemel (waaraan alleen de keizer mag offeren, en waartoe de hemelsche geesten als zon, maan en sterren gerekend worden), een vereering van de aarde (aardsche geesten zijn o. a. bergen, wouden, rivieren, zeeën) en een voorvaderen kuituur.

Tot in de 2e eeuw voor Christus is een West-Aziatisch-Grieksche inwerking te bespeuren, terwijl na 67 n. Chr. vooral het Boeddhisme in China ingang vond. Naast het Boeddhisme vinden bij het Chineesche volk vooral wijsgeerige stelsels van Lao-tse en Kong-tse (Confusius) veel aanhang. In de Chineesche bouwkunst is het vooral de Boeddhistische kunst, die er het sterkst haar stempel opdrukt. Toch benadert de Chineesche architectuur nooit het monumentale, daar ze slechts ingenieurswetenschappelijke uitingen omvat, als kanalen, bruggen en vestingbouw, geheel in overeenstemming met het streven naar het nuttige en praktische, dat ook nu nog de Mongoolsche karaktereigenschap is. En vooral ook hierom legden de Chineeschen zich voornamelijk toe op het vervaardigen van kunstnijverheidsvoorwerpen, vooral in de bronstechniek en porcelein. Hoewel tot in de 4e eeuw n. Chr. Boeddhistische nijverheidsvoorwerpen in China werden geïmporteerd en nagemaakt, gingen deze in later eeuwen een zeer speciaal Chineesch karakter dragen, en werd de techniek tot zoo hoogen trap opgevoerd, dat deze Mongoolsche kunstuitingen in Europa gedurende een geheel tijdperk zijn gevolgd als voorbeelden.

Het eenige monument, dat ouder geworden is dan een paar eeuwen, is De Groote Chineesche muur, een bouwwerk in 246 v. Chr. begonnen als bescherming tegen de invallen der Noordelijk wonende Tartaren.

') China beslaat een oppervlak = l'/s X Europa, met ongeveer 400 millioen inwoners, terwijl Europa 445 millioen inwoners telt.

Sluiten