Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE BOUWKUNST IN JAPAN.

109

De verschuifbare tusschenmuren laten combinatie toe van de verschillende vertrekken, terwijl ook de hoofdgevel, naar den tuinkant gericht, geheel open is te maken, waardoor directe gemeenschap ontstond tusschen woning en tuin, die in prachtigen stijl werd aangelegd. De Japanners waren meesters in de tuinarchitectuur, meer verfijnd nog dan de Chineezen. De daken zijn niet gebogen, maar rechtlijnig.

7. De beeldhouwkunst heeft groote, zoowel als kleine werken voortgebracht. Boeddhabeelden, grooter dan ze in China of Indië voorkomen, zitten in de nabijheid van tempels, en opmerkelijk is het, dat de gelaatstrekken klassiek Indisch zijn en niet het Mongoolsche type uitbeelden. Kleinere beelden, vooral ook van huisgoden, werden in zeer vrije, beweeglijke houdingen voorgesteld, en vervaardigd van hout, ivoor of brons.

8. De schilderkunst is decoratief. Tusschentinten, perspectief, anatomie en schaduw ontbreken. Evenals bij de gekleurde houtsneden, in 't vervaardigen waarvan de Japanners meesters waren, zijn de kleuren vlak. Niet ten onrechte zijn de Japanners de grootste decorateurs ter wereld genoemd. Het blijkt uit hun geheele kunstnijverheid, lakwerk, bronsbeslag, weefwerk, schabionen en geëmailleerde vazen. Toch zijn materiaal, techniek en vormenleer duidelijk aan de Chineezen ontleend.

Fig. 117. Het ornament vindt ruime toepassing in het beschilderen en lakken van Boeddhistische tempels, waarvan alle nagelkoppen nog van versierde bronzen plaatjes werden vervaardigd. Lakwerk, en alle technieken, maar vooral in

Fig. 116. champlevé uitgevoerde geëmailleerde bronzen vazen, bronsbeslag en houtsnijwerk leveren eveneens talrijke motieven op, die voornamelijk bestaan uit: wolken, golven, planten, bloemen en dieren, alle vrij gestyleerd en meesterlijk van karakteriseering. Ook de draak (met 3 klauwen en niet het symbool van keizerlijke macht als in China, waar deze met 5 klauwen wordt voorgesteld), de phoenix, het fabelhert, voorjaarsbloesem, bamboe, dennetak, pioenroos, maar vooral de eenvoudig als rozet gestyleerde chrysant als symbool voorstellend den stralenden zonnebloem van het land der opgaande zon, behooren tot de meest toegepaste elementen van de versieringskunst.

Sluiten