Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ü DE BOUWKUNST DER GRIEKEN. 157

• Fig. 162. Acfopolis van Athene. (Naar Thierech).

j Er. Erechtheion. A.P. Athena Promachos. Pa. (boven) Parthenon. A. Athena Niketempel l

i R. Romatempel. P. (beneden) Pinakotheek. Pr. Propylaeën. !

zich van het aanrakingspunt naar boven en naar beneden uit (kroonlijst van den tempel te Fig. 156. 2. Selinus). Vaak komt de palmet voor, afwisselend met het lotosmotief. De bladeren van de Fig. 157. t. palmet zijn naar buiten gebogen en eindigen breed, terwijl de S-vormige ranken zuiver Fig- 152, schematische vlakke banden zijn. c. ^J?

De ontwikkeling van het akanthusblad begint met een kleine wijziging in het palmettenfries. De S-vormige ranken worden geribd en eindigen in een klein geribd blaadje, terwijl spoedig ook een klein geribd blaadje op een stengelknoop wordt geplaatst, van waaruit Fig. 152. e. de rank zich splitst in twee voluten. Bovendien worden de bladeren van de palmet geribd, en niet meer naar buiten, maar naar binnen gebogen, spits eindigend. De stengel eindigt tot dusver in twee spiralen, doch ontspringt nu spoedig uit een akanthuskelk. Ook de palmet en de lotuskelk ontspringen uit akanthusbladen. Al deze variaties beginnen vooral aan de vrije ornamentale beëindigingen van grafsteenen. Spoedig treffen we de akanthus aan op de kroonlijst van het Erechtheion, en aan de vertikale consoles naast de deuropening ervan, en ten slotte aan de kapiteelen. Zoo is de nieuwe orde ontstaan, die, rijker en vrijer, toevoeging toelaat van bloemen en vruchten. Tot ten slotte de fraaie akanthusornamenten ontstaan van het Lysikratesgedenkteeken.

Sluiten