Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

158

DE BOUWKUNST DER GRIEKEN.

Fig. 163.. Tempel van Castor en Pollux te Agrigèntum.

De akanthus, naar Fig. 152. a. een voorbeeld uit Fig. 157. p. de natuur (akanthus mollis), komt juist op het moment, dat de aan de oudheid ontleende siervormen van de Grieken dreigen te gaan verstarren en te schematiseeren. Contour, zoowel als modelleering, spreken duidelijk, terwijl de bladpartijen evenzoo zijn ingedeeld als het geheele blad. Zoodat een bladpunt zich verhoudt tot een bladlob, als een bladlob tot het geheele blad. De hoofdnerf loopt van den voet naar den top, en voorts loopen van iedere bladspits kleinere nerven naar den voet, welke nerven te samen den hoofdvorm van het akanthusblad nog des te duidelijker doen uitkomen, al is de styleering overdreven.

Het verdere orna¬

ment is meestal symbolisch. Iedere plant en ieder dier heeft in de mythologie een bepaalde beteekenis; daarom treft men klimop, laurier, wijndruif en andere motieven gewoonlijk niet aan op kapiteelen of kyma's.

Sluiten