Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE BOUWKUNST DER GRIEKEN.

169

(Choragoi) mocht worden opgericht ter herinnering aan een door het koor behaalde overwinning. Het werd 334 v. Chr. voltooid, rust op een 4 M. hoogen vierkanten sokkel van natuursteen en lieeft zelf den vorm van een rondtempel. Van pentelisch marmer, zijn tegen den rondbouw zes halfzuilen geplaatst, die 3.56 M. hoog zijn en Korinthische kapiteelen dragen. De 3-deelige architraaf, hét fries met beeldhouwwerk en- een tandlijst dragen de kroonlijst, waarop een tentvormig dak rust, schubvormig afgedekt. Het geheel wordt bekroond door een Fig. 153. akanthus voetstuk, waarop de gewonnen drievoet was geplaatst. Ten slotte te Athene het Horolog i o n, of toren der winden, 8 - hoekig

met voorhallen van Korinthische zuilen, en afgedekt door een 8-zijdige pyramide.

DE BURGERLIJKE BOUWKUNST.

In het hoofdstuk over de bestaande monumenten werden reeds eenige profane bouwwerken besproken, o. a. mausoleum te Halikarnassos, Lysikratesgedenkteeken, toren der winden en de propylaeën.

1. Het theater was oorspronkelijk geen verhoogde tribune, maar tooneelspelers en koor Fig- 176. bevonden zich in de meestal cirkelronde ruimte, orchestra geheeten, in *t midden waarvan een altaar stond. Aan drie zijden zaten de toeschouwers, en aan de overblijvende zijde lagen de vertrekken voor tooneelspelers op den beganen grond (skene). Indien mogelijk namen de toeschouwers plaats tegen een berghelling; later werden trapvormige zitplaatsen uitgehakt Fig. 177. of kunstmatig aangebracht. Voor de skene stond een houten muur, waarop decoraties waren geschilderd, en die proskenion genoemd werd. Langzamerhand veranderden skene en proskenion in een gebouw met naar voren uitgebouwde vleugels, de paraskenen.

De orchestra was meestal cirkelrond, soms halfcirkelvormig of in den vorm van een hoefijzer; aan den cirkel raakte de proskenion.

Zeer fraaie theathers zijn dat te Epidauros, waarin twee rangen en een steenen proskenion met Ionische Fig 176 177 halfzuilen; het Dionysostheater te Athene, aan de Zuidelijke helling van de acropolis, dat tusschen 338 Fig.174,175 en 326 werd voltooid, doch later opnieuw werd verbouwd door de Romeinen. In dit theater zijn marmeren stoelen bewaard gebleven, waaronder de zeer fraaie versierde troon van den Dionysospriester. Het grootste Fig 168 theater is dat van Megalopolis, in Arkadië; latere theaters zijn die van Eretria, Aspendos Pireus b « t-

Priene, Sikyon, Delos, Magnesia, Termessos en Pompeji, en het fraaie 5e eeuwsch theater té Syracuse.

Fig. 176. Grondplan van het theater te Epidauros.

Sluiten