Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

224

DE BOUWKUNST DER ROMEINEN.

S Fig. 230. Flavisch amphitheater (Colosseum).

Fig. 223. genaamd, met een toegangsbrug, de Pons Aelius, Engelsbrug. De onderbouw is 104 M. in het vierkant; hierop rust een cylindervormige bovenbouw van 73 M. doorsnede, waarbinnen de grafkamers liggen. Deze cylinder was met marmer bekleed en bekroond met een kroonlijst, waarop statuen en waarachter de kegel verrees op welks top het beeld van den imperator. De nu aanwezige kanteellijst is aangebracht in later tijd, toen het bouwwerk als citadel dienst deed.

Voorts verrezen buiten de stadspoorten aan de Via Appia en de Via Latina bij Rome, zoowel als aan de gravenstraat te Pompeji, talrijke tumuli met hoogen onderbouw (zie het bovengenoemd grafteeken van Caecilia Metella) of in pyramidevorm (Cestius pyramide te Rome).

A e d i c u 1 a e noemt men graven in den vorm van kléine tempeltjes. Op kerkhoven met verbrandingsplaatsen (ustrina) treft men ze aan, evenals gedenkzuilen en marmeren grafplaten, stélen, hier cippi (enkelvoud cippus)

Fig. 225. genaamd. Ten slotte nog de columbaria, onderaardsche grafgewelven, waarin lange rijen nissen ter opname van urnen met asch, en waarin in enkele gevallen ook wel sarcophagen werden ondergebracht.

3. BURGERLIJKE BOUWKUNST.

De fraai aangelegde steden met hun goede straten, die aan alle verkecrseischen voldeden, en tevens aan de sanitaire en aesthetische, volgden in de eerste plaats Alexandrië na. Zuilenhallen aan weerszijden der straten, onderbroken door groote gebouwen of eerepoorten, kwamen uit op het forum; iedere groote stad had er minstens één; zoo is te Rome het forum Romanum het oudste, tevens geschiedkundig het belangrijkste, doch het forum Trajani was misschien het fraaist. Talrijke openbare gebouwen verrezen, als theaters, amphitheaters, cirkussen, thermen, paleizen, eerepoorten, gedenkzuilen en basilieken.

Alle gebouwen voor algemeene nuttige doeleinden te Rome zijn zoo soliede uitgevoerd, dat ze als berekend zijn voor een eeuwigen duur; bovendien is het uiterlijk steeds monumentaal en vaak zeer fraai. Fig. 226. a. Talrijke waterleidingen en fonteinen werden aangelegd voor voeding van de thermen. In het begin van den keizertijd waren de Romeinsche waterleidingen samen 436 K.M. lang, waarvan 2.4 K.M. tunnel, en 64 K.M. aquaduct. Daarna zijn er nog 5 leidingen aan toegevoegd. Tegenwoordig doen nog 4 leidingen dienst, die Rome tot de waterrijkste stad der wereld maken, terwijl de overige als machtige, zich ver uitstrekkende ruïnen hier en daar in de stille campagna verrijzen.

Sluiten