Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

248

DE OUD CHRISTELIJKE BOUWKUNST.

Syrische en Helleensche invloeden zich gelden.waardoor een overgangsstijl ontstond naar den lateren Byzantijnschen, welke overgangsstijl zelf weer zijn invloed deed gelden in Italië. Deze Byzantijnsch Oud-Christelijke stijl bereikte zijn hoogtepunt onder Justinianus(527—565), scheidt zich als Byzantijnsche stijl geheel van den Romeinschen Oud-Christelijken af, doch oefent gedurende de vroege middeleeuwen over geheel Europa overwegenden invloed uit, tot de doordringing van den Islam in Europa er een einde aan maakt.

Uit den aard der zaak was Rome voor Italië het centrum van de Oud-Christelijke kunstontwikkeling. Toch neemt nog een andere stad, de zeer gunstig gelegen havenplaats Ravenna, een zeer bijzondereplaats in. Bij den inval der West-Gothen in het begin van de 5C eeuw was Ravenna de residentie van keizer Honorius. De Oost-Gothische koning Theodorik had hier ook zijn hoofdzetel (493— 526). Justinianus maakte van Italië een provincie van het Oost-Romeinsche rijk (555.— 568) en in dezen tijd werden de Gothen verdreven en deed

Sluiten