Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rffTYJTJj

I

Fig.

Kapiteel uit de S. Marco te Ven

etië. (Naar foto).

*>uii DE BYZANTIJNSCHE BOUWKUNST. 291 Constantinopel, met een 16-hoekig gewelf). Niet- •••••••••••• ............. ............ ............ ............

"tr^™™™ "<= vmuing van ae penaentiets verdwijnt de oplossing door middel van de hoeknissen echter niet uit de Byzantijnsche bouwkunst.

4. Van af de 9e eeuw wordt de koepel verhoogd door een cylindervormig stuk muur er onder aan te brengen, de tamboer. De vensters, die oorspronkelijk Fig. 279. in het onderste deel van den koepel insneden, vinden nu lager een plaats, in het vertikale deel er onder. Een bijzonder karakter krijgt de Byzantijnsche

Fig. 281. 1. koepel, door dat de rnnrlhnnon A\*

boven de vensters worden voorzien van sterk uitspringende omlijstingen, een aaneengesloten fries vormen, welk fries

Fig. 282. de plaats inneemt van een bekronende i

lijst van de tamboer, en dus een sierlijk gekartelde lijn vormt. De vensters zijn hoog et» smal en onderling gescheiden door kolommetjes, die de vensterbogen dragen, en telkens dienst doen als een soort kleine steunbeeren voor den koepel. Zeer vaak ook zijn de bogen als 't ware verhoogd door vertikale stukken er onder, terwijl de vensters spleetvormig zijn. Ook in de

Fig. 282. muren worden de vensters hooge smalle lichtspleten. Behalve de rondbogen komen ook hoef-

I ijzerboog, spitsboog en, zeer : zelden, de kielboog voor. Van af de 14e eeuw wordt de tamboer sterk verhoogd; hierdoor werd de zijdelingsche druk van den koepel meer opgeheven, terwijl er ook meer licht in de koepelruimte kon doordringen. Uitwendig krijgt de tamboer een 12 — 16-hoekigen, bij kleinere monumenten een 8—10-hoekigen vorm, op de hoeken door pijlertjes versterkt.

5. Het materiaalis hetzelfde als in het Oud-Christelijk

Fig. 289. Byzantijnsche kloosterkerken van het klooster HosiosLukas !

in PhoklS. 11e tot 13e eeuw. (Naar foto Hirth).

Sluiten