Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE BYZANTIJNSCHE BOUWKUNST.

293

'g. 284. 1 en 4.

Fig. 291. Kamnekareakerk te Athene. (Naar foto).

tijdvak. Uitwendig werd, door toepassing van afwisselend gele en roode baksteenlagen, een groote rust verkregen in den benedenbouw; wat van des te meer belang was, waar in de hoogte de golvende daklijnen en koepels op tamboer met hun boogvensters een levendig lijnenspel opleverden. De gewelven werden opgetrokken van kleine baksteen met dikke lagen kalk van uitnemende kwaliteit : zelfs daar, waar bii

enkele monumenten de onderbouw gedeeltelijk is verwoest en bezweken onder de werking van den tand des tijds, bleven de koepels intact. Werd natuursteen gebruikt, dan vermeed men een vast verband tusschen gewelf en zuilen met het oog op aardbevingen; wat aan verschillende monumenten in Klein-Azië is te constateeren.

; - 6. De details zijn meer van on-

: dergeschikt belang. Eerst vanaf

• de 11e eeuw werden de gevels

• verlevendigd door zigzaglijnen, Fig. 304 : deuren en ramen, meanders en

• banden van geglazuurde tegels in

• verschillende kleuren; ook blind- Fig. 301 : bogen, nissen en lisenen dragen

• bij tot verlevendiging van het Fig, 291

• overigens uiterst sobere uitwenj dige.

• Het interieur echter vormde 5 de grootst mogelijke tegenstelling : met het uitwendige. De muren

• waren beneden overdekt door

": gekleurde marmerplaten, terwijl Fig. 296

j op het bovendeel figurale en

„• ornamentale mozaïk composities

Fig. 292. Hagios Theodoroskerk te Athene. (Naar foto).

Sluiten