Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE MAHOMEDAANSCHE BOUWKUNST. 325

hebben medegewerkt aan dit kolossale, symmetrisch aangelegde bouwwerk.

Eveneens een slot, tevens dienend als legerplaats, is het slot Ocheïdir. Hier vormt de muur een rechthoek, en is, als de Mschatta, ook met 3,4-ronde torens versterkt. Bovendien loopt rondom op eenigen afstand nog een tweede zwaardere versterkte muur met 4 hoofdpoorten zóö, dat de Noordelijke tevens den hoofdingang vormt van het paleis. Vele groote ruimten zijn met scherpribbige kruisgewelven of met tongewelven overdekt; en behalve een groote hal, eerehof en audiëntiezaal treft men nog, in den Jioek rechts van den ingang, een groote moskee. Geheel gebouwd van breuksteen met kalk, zijn bijna alle bogen toegepast, o. a. verhoogde spitsboog, stompe spitsboog en hoefijzerboog. Tengevolge van het vergaan van de houtverankering der gewelven, zijn de meeste ingestort.

Ook te Rabbath Amman zijn paleisruïnen gevonden, en ten slotte zijn vermeldenswaard de ruïne el Kasr en Kasr-el-Tuba, waarom een rechthoekige muur met halfronde hoektorens en fraaie ornamentatie.

d. mc^vrviAMlti ÜN SYRIË van 750-1258.

In de bouwkunst wordt hier de Perzische invloed nu overheefschend; de residentie wordt van Damaskus naar Kufa, en weldra naar Bagdad aan den Tigris verplaatst. De Abbasiden maken van Bagdad een wereldstad, die het toppunt van bloei bereikte onder Haroen-al-Raschid. Samarra, de tweede hoofdstad, komt eveneens zeer snel tot bloei, doch wordt reeds na 50 jaren weer verlaten. In 1258 wordt Bagdad door de Mongolen verwoest en nu in 1916 Bagdad door de Engelschen is veroverd geworden, heeft mogelijk voorgoed de Mahomedaansche heerschappij hier een einde genomen.

Bagdad. De groote moskee hier dateert van 760; deze hallenmoskee was horizontaal afgedekt, had houten pijlers en werd in later tijd uitgebreid.

Rakka. De groote moskee is ongeveer 90 bij 105 M. De hal is 3-beukig, terwijl om den hof een tweebeukige hal loopt. De rij pijlers met spitsbogen, die de gebedshal van den hof afsloot, staat nog overeind. Ze vertoonen kleine zuilen op de hoeken.

Samarra. De groote moskee van 260 X 180 M. dateert van 846; de rechthoekige buitenmuren waren versterkt door ronde torens. De 8-hoekige pijlers waren gemetseld van tegels, terwijl op de hoeken der pijlers ronde marmeren zuiltjes met bolvormige kapiteelen en basementen waren aangebracht. Waarschijnlijk was de zolder honzontaal, aangezien geen spoor van bogen [werd gevonden. De met pleister bekleede gebedsnis werd door lichtrood marmeren zuiltjes geflankeerd, terwijl de spitsboog met goudmozaïk was bedekt. De 5 windingen hooge kegelvormige minaret is met haar buitenomloopenden spiraalvorm een duidelijke navolging van de zigurat (blz. 57) Fig 319 6 Der kleine moskee, uit 861, bestond uit rijen pijlers, die verbonden waren in de richting rechthoekig op den mihrabmuur. De muren waren altijd nog 220 bij 140 M. lang. Het dak rustte op spitsbogen

Fig. 321. Moskee van Ibn Touloun te Kaïro.

Sluiten