Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

340

DE MAHOMEDAANSCHE BOUWKUNST.

Fig. 338. Heilige vijver van Ulwar; voorbeeld

* van paviljoens met

naiscne KloKKoepels.

8-hoek op 16-hoek, 16-hoek op cirkel. Ten slotte is nog te noemen de gerec

De 2 verdiepingen hooge zaal (twee rijen vensters liggen boven elkaar) meet 11 M. in het vierkant èn wordt zaal der gezanten genoemd. De wanden hiervan zijn rijk met gipsornament overdekt, en de gewelven met schitterende stalaktieten.

De leeuwenhof is 28 Fig- 333. bij 16 M. groot, en de lange as ervan staat rechthoekig op de as van den mirtenhof. In het midden staat een fontein van albast, waarvan het bekken wordt gedragen door 12 zwartmarmeren streng gestyleerde leeuwen. De omringende arcaden hebben bogen van verschillende spanning, die rusten op 1, 2 of 3 zuilen. In het midden van de beide smalle zijden staan twee voorspringende paviljoens met houten koepel. Een der aangrenzende vertrekken is dezaal der twee zusters, met stalaktieten gewelf en prachtige bekleeding van fafence tegels. Een ander beroemd vertrek is de zaal der Abencerragen, die door twee getande bogen in drieën gedeeld is. Het ingewikkelde stalaktieten gewelf vertoont achtereenvolgens overgangen van vierkant op 8-hoek,

htszaal.

F. SICILIË.

De bloeitijd van de Mahomedaansche bouwkunst op dit eiland duurt van 827—1060. De op de Saracenen volgende heerschers, de Christelijke Noormannen, verwoestten aanvankelijk de moskeeën en paleizen, doch namen later Saraceensche kunstenaars in hun dienst.

Van Christelijk-Saraceenschen oorsprong is het Palazzo reale, en ook dePalatijnsche kapel (reeds Fig. 306. besproken bij de Byzantijnsche bouwkunst, blz. 307). Van de verdere bouwwerken zijn slechts ruïnen bewaard

Sluiten