Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

450

DE GOTHISCHE BOUWKUNST.

deze ook in grootere afmetingen voor. De kathedraal te Alb y in Frankrijk is overdekt door één groot gewelf, hoewel Fig. 431. 4 het gebouw 28 M. breed is. Overigens zijn meestal kapellen éénbeukig. De SainteChapelle te Parijs is beneden 3-, Fig.432. 3 boven éénbeukig, en heeft beneden een koor omgang.

e. Uiterst zeldzaam is in de Gothiek de centraalbouw; slechts kapellen worden zoo aangelegd. In Griekschen kruisvorm, met kapellenkrans rondom (Lieve Vrouwekerk Fig.432. 6 te T r i e r) of als veelhoek, met lagen omgang en kapellenkrans, bieden ze prachtig gelegenheid voor de ontwikkeling van ster-, net- of waaiergewelven.

HET INWENDIGE. 1. De pijler. Daar in de Gothische bouwkunst de traveeën

doorloopen ver-

Fig. 444. Torenspitsfragment van den Dom te Keulen.

(Naar foto).

Fig. 434. 5,6 en

valt de afwisseling tusschen zware en lichtere pijlers of

pijlers en zuilen. De eenvoudigste pijlervorm is de ronde, onversierde, zooals die in de oude Fig. 446. Fransche kathedralen, en ook in ons land vooral wordt toegepast. Dan volgt de pijler met een

ronde of vierkante kern, waar tegen 4 of 8 schalken zijn geplaatst; de vier komen overeen met

de schild- en dwarsbogen en zijn zwaarder dan de vier, die bij toepassing van 8 schalken er aan zijn toegevoegd, en die dienen voor ondersteuning van de gewelfribben. Deze schalken zijn aanvankelijk rond en met de kern verbonden; in Engeland blijven ze van de kern vrijstaand. Is de pijlerkern vierkant, dan is dit vierkant overhoeks geplaatst.

Rijkere gewelven hebben een rijkere pijlerdoorsnede tengevolge, waarbij aanvankelijk de Fig. 434. 10. ronde kern nog zichtbaar blijft, doch die verdwijnt zoodra de ruimten tusschen de schalken diep worden uitgehold. De pijlerschacht en ook

Fig. 445. Portaal van den Dom te Keulen.

(Naar foto Lübke-Semrau).

Sluiten