Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

434

DE GOTHISCHE BOUWKUNST.

Fig. 450. 1. Venster van den Dom te Keulen. 2. Van de Sainte Chapelle te -Parijs. 3. Vischblaasvenster uit de kerk te Soest. 4. Venster uit de kathedraal te 's Hertogenbosch. 5. Ontwikkeling van de neuzen of toten. 6. Vischblaasvenster uit Weenen. 7. Van de kerk te Soest in Westfalen. 8. Vischblaasvenster van den Dom te Munster. 9. Roosvenster uit Weenen. 10. Roosvensterindeeling van de Nötre-Dame te Parijs.

de zuilring in 't midden van de schacht bestaan, maar in den regel is ook de schacht onversierd. Tot eindelijk het heele kapiteel verdwijnt.

4. Consoles. Deze komen in de meest verschillende vormen voor. Omgekeerd pyramidevormig, sterk

naar boven verbreed Fig. 435. 2. en door een krachtig geprofileerde dekplaat afgedekt, zijn ze met bladornament eenvoudig of rijk versierd. Ook in kelkvorm, als de kapiteelen, komen ze voor, en zijn, evenals deze, met plant- of dierornamenten bekleed. In de Laat-Gothiek bestaat de console uit een masker, dier- of Fig. 442. mensenfiguur in gedrongen houding, geheel realistisch. Het •zijn vaak grofgeestige voorstellingen in allerlei variaties.

5. Gewelfribben en bogen. De doorsnede van de ribben zijn in

't beqin in hoofdvorm Fig. 440.

, 14, 17, 2q

rechthoekig; in de uitgeholde hoeken zijn rondstaven geplaatst, Fig- 440. 21.

Sluiten