Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

482

DE GOTHISCHE BOUWKUNST.

Fig. 502. Het stad hui s te Leuven (1448—1463) is overrijk van details en gevelbeeldhouwwerk, reliëfs en statuen op consoles, heeft echter geen toren. De 3 verdiepingen zijn gelijk. Het stadhuis te Brugge (1376—1387) heeft mooie spitsboogvensters, veel beelden met baldakijnen, kanteelen en erkertorentjes op de hoeken en in het Fig. 503. midden. Voorts stadhuizen te Oudenaarde (1525—'29), Fig. 506. te Bergen en te Gent, het laatste rijk Laat-Gothisch.

Hallen, gildehuizen en woonhuizen getuigen eveneens van den buitengewönen rijkdom en tevens van het fijne kunstgevoel van de burgers. De laat voltooide hallen Fig. 500. te Brugge zijn gekroond door een 107.50 M. hoogen Fig. 505. toren uit 1282. De Lakenhal te Yperen (1200— 1304), nu raadhuis, is ruim 133 M. lang, gekroond door een 70 M. hoogen toren. Twee verdiepingen hoog, bezit het fraaie spitsboogvensters, erkervormige hoektorentjes, en is door kanteelen boven afgesloten. De groote toren eindigt in 4 hoektorentjes. Dergelijke hallen vindt men Fig. 504. te Brussel (Koningshuis), Gent, Leuven en Mechelen. Merkwaardig is nog het Bisschoppelijk

Yperen. Uit de 15e eeuw dateeren de St. Jacobskerk en de St. Martin te Luik, en de St. Wandru te Bergen.

De burgerlijke Gothische bouwkunst in Vlaanderen is de allerfraaiste; vooral de stadhuizen, van natuursteen en uitermate rijk van detailleering zijn onovertroffen. Vooral geldt dit voor het Stadhuis te Fig. 499. Brussel, gebouwd van 1402—1454. De 80 M. lange gevel heeft beneden arcaden, en op de vier hoeken 8-hoekige torentjes. Rijk doet ook het hooge dak met vier rijen dakvensters. De in 1448 door Jan van Ruysbroek voltooide toren is 102 M. hoog. De ingang ligt niet symmetrisch. F'g- 501.

Fig. 516. De Oldenhove te Leeuwarden.

Sluiten