Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IO

INLEIDING.

G. H. Rode, emailleschilder.

Leonardus Temminck „schildert meesterachtig portretjes in miniatuur".

Simon Schaarberg maakt silhouetten en portretten in miniatuur. J. de Gijzelaar, schildert landschap in miniatuur. Hendrik Angemeer en J. P. Renaud, zijn waaierschilders.

Op zichzelf reeds een eerbiedwaardige reeks en een bewijs, dat er in den Haag op dit gebied nog al wat omging, en dat er dus hier

wel een publiek moest zijn om

ook een porceleintabnek aan atnemers te helpen. De fabriek te Weesp, die in 1764 door den bekenden drost van Muiden, den graaf van Gronsfeld Diepenbroek was opgericht met de restes van de fayencefabriek aan den Amsterdamschen Overtoom, — deze fabriek te Weesp was aan gebrek aan afnemers te gronde gegaan en toen zij in 1772 door den Loosdrechtschen predikant de Mol was overgenomen, was haar toestand, —

3. Bord met doorgeslagen rand en konings- hoewel zij fraai werk leverde, — blauw. (Coll. v. Z. v. N.) J

verre van schitterend; men weet dat zij in 1782 alweder het werk moest staken toen de Mol stierf en de inkomsten tegen de hooge uitschotten vooral van de arbeidsloonen der kunstschilders, boetseerders enz. niet konden opwegen. In 1784 werd zij naar den Amstel overgebracht door de rijke Amsterdammers Rendorp, v. d. Hoop en Hope, die er bij geinteresseerd waren. Toen ging zij, over wat behoorlijk bedrijfskapitaal kunnende beschikkende, vrij goed.

Maar tegenover de Noord-Hollandsche fabriek was wel plaats voor een Zuid-Hollandsche, of nog beter, juist voor een Haagsche. Er kwam ook wel eenigszins, vermoeden wij, de tegenstelling bij tusschen de Amsterdamsche regenten en het Hof in den Haag. Willem V toch was, vooral door zijn huwelijk, te zeer ook een Duitsch

Sluiten