Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

17

kennis is gekou._n, tenzij mijne verklaring als getuige of déskundige v rech en gevorderd of ik anderszins tot het geven van mededeeling door de wet verplicht worde.

Zoo waarlijk helpe mij God almachtig (dit beloof ik).

Het proces-- iaal der beëediging wordt ingediend aan den Hoofdinspecteur, i)

ARTIKEL 39.

Tot het aflet, en van de in het voorgaand artikel bedoelde examens wordt r Jnstens tweemaal 's jaars gelegenheid gegeven.

Al hetgeen verder op de regeling der examens betrekking heeft wordt door den Hoofdinspecteur 2) vastgesteld.

ARTIKEL 40.

De bevoegdheid en de verplichtingen van de dokters-djawa, de Inlandsche - roedvrouwen en de vaccinateurs worden door den Hoofdinspecteur vastgesteld. 2)

DERDE AFDEELING.

Over de uitoefening der geneeskunst en over de verstrekking van geneesmiddelen door geneeskundigen.

ARTIKEL 41. 8)

Uitoefening der geneeskunst, waaronder wordt verstaan het verleenen van genees-, heel-, tandheel- of verloskundigen bijstand, als beroep, is alléén geoorloofd aan hen, die de bevoegdheid daartoe bezitten.

i) Staatsblad 1910 No. 649.

») Staatsblad 1894 No. 273, juncto St. 1910 No. 649.

3) Bij § i van de ordonnantie van 26 Juli 1911 (Staatsblad No. 435) Is met afwijking van artikel 41 van het Reglement op den burgerlijken geneeskundigen dienst in Nederlandsch-Indië, vastgesteld bij artikel 1 der ordonnantie van 30 Maart 1882 (Staatsblad No. 97), bepaald, dat aan bepaalde vreemde geneeskundigen, die blijkens de door hen overgelegde diploma's in hun eigen land bevoegd zijn tot uitoefening van de genees-, heel- en verloskunde, voor zoolang zij in dienst staan van een in Nederlandsch-Indtë arbeidend zendinggenootschap, door den Hoofdinspecteur, Chef van den Burgerlijken Geneeskundigen Dienst, vergunning kan worden verleend tot uitoefening der geneeskunst, doch uitsluitend in zendingshospitalen en onder de Inlandsche bevolking der landstreek waarin zij als zendelingarts werkzaam zijn, zullende, wanneer zij de geneeskunst binnen de perken der hun verleende vergunning uitoefenen, de strafbepaling in artikel 86 van .gemeld Reglement op hen niet van toepassing zijn, terwijl bij § ii verder is bepaald, dat zendeling-artsen, in het bezit van eene vergunning, als bedoeld in § i, bij de toepassing van artikel 5, artikel 7, alinea 1, sub c, «n artikel 15, sub c, le van de regelen, vastgesteld bij § i der ordonnantie van 6 Juni 1906 (Staatsblad No. 276), worden aangemerkt a s bevoegde Europeesche geneeskundigen.

2

Sluiten