Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

50

2. Programma van het examen voor vroedvrouw (Europeesch).

Besl. Dir. O. E. N. van 30 Augustus 1908 No. 14362 (Bijbl. No. 5309, gedeeltelijk voor zoover betreft de voorwaarden om als leerling-vroedvrouw te worden ingeschreven reeds hiervoren vermeld.

Ter vervanging van het bepaalde bij het Gouvernements besluit van 20 Juni 1885 No. 2/c (Staatsblad No. 118) en bij artikel 2 van het Gouvernements besluit van 13 Februari 1883No.20.de voorwaarden om als leerling-vroedvrouw te worden ingeschreven en het programma van het examen voor vroedvrouw vast te stellen als volgt:

I. enz.

II. Programma van het examen voor vroedvrouw. theoretisch gedeelte.

a. elementaire kennis van het samenstel van het menschelijk lichaam en zijne verrichtingen;

b. meer bijzondere kennis van het bekken en van de vrouwelijke zachte geslachtsdeelen;

c. kennis van den loop der zwangerschap, der baring en van het kraambed in den regelmatigen toestand en van den daarbij te verleenen bijstand;

d. theoretische bekendheid met en practische bedrevenheid in de toepassing van antisepsis gedurende de baring en het kraambed, benevens eenige kennis aangaande zwangerschapshygiƫne;

e. kennis van de meest voorkomende stoornissen gedurende de zwangerschap, de baring en het kraambed en van de daartegen aan te wenden middelen, b.v. het verrichten van eene onderhuidsche injectie;

ʒ. eenige kennis van de behandeling en verpleging van het pasgeboren kind in de eerste levensdagen.

Practisch gedeelte.

a. aanwijzing op het droge bekken of op het fantoom van het werktuigelijke verloop der baring bij de verschillende liggingen der vrucht;

b. het aanleggen van de tang bij laagstaand hoofd en het verrichten van eene keering, zoo noodig met opvolgende extractie.

Sluiten