Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

231

Circulaire van den Hoofdinspecteur, Chef van den Burgerlijken Geneeskundigen Dienst, van 9 Juli 1914 No. 5086.

Aan

de beheerders van particuliere Inlandsche hulp ziekenhui zen.

Uit de dezerzijdsche tot de Beheerders der particuliere Inlandsche hulpziekenhuizen gerichte circulaire van 13 Februari 1912 No. 1021 zal U gebleken zijn, dat de daarbij voorgeschreven opgave van beteekenis is voor de beoordeeling o. m, van de toekenning der jaarlijksche subsidiën ten behoeve van die hulpziekenhuizen.

In verband daarmede werd bij dat rondschrijven de indiening van bedoelde opgave geregeld in dien zin, dat dit stuk zou worden aangeboden door tusschenkomst van de hoofden van plaatselijk béstuur en den betrokken Inspecteur, c. q. fungeerenden Inspecteur van den Burgerlijken Geneeskundigen Dienst, en zooveel mogelijk tegelijk met de subsidie-aanvraag voor het nieuwe jaar.

Vermits door meerdere beheerders van de particuliere Inlandsche hulpziekenhuizen niet trouw de hand gehouden wordt aan de voorgeschreven wijze van indiening van meerbedoelde opgave, acht ik het dienstig hierbij Uwe bijzondere aandacht op het vorenstaande te vestigen, meer speciaal op de aanbieding van die opgave tegelijkertijd met de subsidieaanvraag voor het nieuwe jaar.

De Hoofdinspecteur, Chef van den Burgerlijken Geneeskundigen Dienst, Bij verhindering, De Inspecteur-Souschef," (w. g.) VAN GORKOM.

B. Over de subsidieering van Inlandsche ziekenhuizen en hulpziekenhuizen in zelfbesturend gebied.

Circ. lste Gouv. Secr. dd. 13 April 1910 No. 834 (Bijbl. No. 7194).

Bij de behandeling van eene aanvrage om subsidie ten behoeve van een door particulieren in zelfbesturend gebied opgericht Inlandsch hulpziekenhuis is de vraag aan de orde gekomen of hiet restitutie van het eventueel toe te kennen subsidie-bedrag

Sluiten