Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

528

ARTIKEL 8.

(1) De autoriteiten en deskundigen, die ingevolge dit reglement bemoeienis hebben met de toepassing der daarin vervatte voorschriften, zijn — voor zoover die bemoeienis zulks toelaat—verplicht tot geheimhouding van hetgeen hun in hunne qualiteit is bekend geworden omtrent het bedrijf, dat in de fabrieken, als in dit reglement bedoeld, wordt uitgeoefend.

(2) Hij, die opzettelijk de bij het vorige lid opgelegde geheimhouding schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf dan wel dwangarbeid buiten den ketting van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste zes honderd gulden, al of niet met ontzetting van de waarneming van alle openbare bedieningen of ambten.

(3) Hij, aan wiens schuld schending van die geheimhouding te wijten is, wordt gestraft met gevangenisstraf dan wel ten arbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden als de overtreder Europeaan en ten hoogste een honderd gulden als hij Inlander is.

(4) Geen vervolging heeft plaats dan op klachte van het hoofd of den bestuurder der fabriek.

ARTIKEL 9.

In fabrieken als in dit reglement bedoeld, in werking gebracht vóór den datum waarop het van kracht wordt, moet aan de in de artikelen 1, 2 en 3 gestelde eischen binnen zes maanden na bedoelden datum zijn voldaan, welke termijn op verzoek in bijzondere gevallen door den Directeur van Onderwijs, Eeredienst en Nijverheid kan worden verlengd.

Sluiten