Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

591

naar kan worden gehandhaafd. Waar nu voor Europeesche ambtenaren is bepaald dat zij na gedurende vijf jaren buiten werkelijken dienst te zijn geweest, uit 's Lands dienst worden ontslagen.terwijl bij dat ontslag wordt overwogen of aanleiding bestaat voor pensionneering op den voet van artikel 1 letter c van het Europeesch pensioenreglement, is door de Regeering dienovereenkomstig als beginsel aangenomen, dat pensioen op den voet van artikel 1 letter c van het Inlandsch pensioenreglement als regel slechts zal kunnen worden toegekend, indien binnen vijf jaren na het niet op verzoek verleend ontslag uit debetrekking de algemeene ongeschiktheid voor verderen dienst wordt aangetoond. Deze algemeene ongeschiktheid kan uiteraard in sommige gevallen ook uit zuiver lichamelijke oorzaken voortvloeien, zoodat een Inlandsch ambtenaar, die na vroeger niet op verzoek uit de betrekking te zijn ontslagen (mits binnen vijf jaren), pensioen vraagt onder overlegging van een verklaring waarin wel de lichamelijke ongeschiktheid voor verderen dienst wordt aangetoond, doch waaruit niet blijkt dat die ongeschiktheid reeds bestond op het oogenblik van ontslag uit de betrekking, eveneens pensioen zal kunnen erlangen op den voet van artikel 1 letter c van het pensioenreglement.

Aan den eisch dat het ontslag uit de betrekking niet op verzoek moet hebben plaats gehad zal echter, in verband met de reeds besproken omstandigheid dat het aan Inlandsche landsdienaren zoo gemakkelijk valt om op verzoek uit de betrekking te worden ontslagen, streng moeten worden vastgehouden ten einde te vermijden dat ook voor pensioen in aanmerking zouden komen zij, die uit eigen beweging hunne betrekking hebben verlaten en eerst daarna door eigen schuld of toedoen (ongeregelde levenswijze als anderszins) in een toestand zijn geraakt welke hen ongeschikt maakt voor allen verderen dienst.

Voor toepassing van artikel 1 letter c van het Inlandsch pensioenreglement geldt dus als eisch dat de betrokkene minstens tien jaren dienst heeft, en, bijaldien hij nog actief dient, voor verderen dienst ongeschikt wordt geacht. Heeft hij reeds eerder ontslag uit de betrekking gekregen, dan moet nog worden voldaan aan de voorwaarden dat dat ontslag moet zijn verleend niet op verzoek, en dat de ongeschiktheid voor verderen dienst binnen vijf jaren daarna wordt aangetoond. Een en ander uiteraard onder het voorbehoud dat het ontslag uit 's Lands dienst eervol kan worden verleend.

Sluiten