Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

596

in het bijzonder de minder goede gewoonte om hoogere Inland- . sche bestuursambtenaren, niettegenstaande zij door ouderdom of moreele of intellectueele gebreken feitelijk geheel ongeschikt waren voor allen verderen dienst, uit medelijden in hunne betrekking te laten doordienen tot zij dertig jaren dienst zouden hebben _ waardoor de bevordering van jongeren werd tegengehouden en het heeft daarbij geenszins in de bedoeling der Regeering gelegen om het daarheen te leiden dat aan ondergeschikte Inlandsche ambtenaren die wegens minder goede wijze van dienen zonder meer (dus bijv. wegens slordigheid, onvoldoende betrouwbaarheid, indolentie, gebrek aan plichtsbesef e.d.) tot dusver meestal enkel uit de betrekking werden ontslagen, nu ook maar aanstonds zooveel mogelijk het genot van pensioen zou worden verzekerd door hen tevens al dadelijk wegens ongeschiktheid uit s' Lands dienst te verwijderen.

Voor de laatstbedoelde, uit de betrekking ontslagen landsdienaren blijft in het algemeen gelden de eisch van Bijblad No. 6648 dat aan hen geen ontslag uit den dienst wordt verleend dan op verzoek, dan wel wanneer er termen bestaan voor een meteervol ontslag.

Doet nu een dergelijk, onvrijwillig uit de betrekking ontslagen, beambte inderdaad het verzoek om ontslag uit 's Lands dienst, dan zal, wanneer zijn diensttijd meer dan 10 doch minder dan 30 jaren bedraagt, dat verzoek om ontslag uit den dienst in het algemeen samengaan met en dus moeten worden opgevat als een verzoek om pensioen. Alsdan zal evenwel door de autoriteit die het verzoek om pensioen voorbrengt, met stelligheid moeten worden verklaard of en waarom de betrokkene ongeschikt is voor allen verderen dienst, dus ook voor meer ondergeschikte betrekkingen dan de laatstelijk bekleede (bijv. schrijver of hulpschrijver), alsmede dat het gewenscht is hem als een onnuttig element uit 's Lands dienst te verwijderen; wordt aan deze voorwaarden niet voldaan, dan zal geen pensioen kunnen worden verleend.

Door UHoogEdelGestrenge het vorenstaande mede te deelen met verzoek daarmede in voorkomende gevallen rekening te willen houden, heb ik de eer van bekomen bevelen mi] te kwijten.

De Gouvernements-Secretaris, (w.g.) VAN VALKENBURG.

Sluiten