Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dichten van lang verzonkene geslachten, zooals wij dat nu hebben, zooals Wa gner dat in zoo bijzondere mate bezat? Is niet in Wagner's vreugdevol werk „die Meistersinger von Nürnberg" het muzikale vermogen van 3 eeuwen als in een magischen cirkel omsloten? En dat nu weer de witte hymnen van Palestrina, den hoogheilige, waayen door hooge kathedraalgewelven, als sluiers van geluid, is deze zegening voor een deel niet aan Wagner te danken?

Welnu, het schijnt dat Verhulst nuchter en lakonisch als een Hollandsche liberaal van het jaar '48, tegenover de kunst der Ouden stond, als een architect uit dien tijd tegenover Middeneeuwsche architectuur; dat de artist in hem niets voelde van de mystiek en de groote symbolen van het katholicisme» Hoe had hij anders werken van zoo banale habiliteit en zoetvoeligheid kunnen schrijven als zijne Missen voor mannenstemmen ?

Reeds lang was het 5-stemmige Regina CoeJi van Sweelinck door de Vereeniging voor NoordNederlandsche Muziekgeschiedenis uitgegeven, toen Verhulst, toevallig bladerend in de aan de partituur voorafgaande documenten, ook de partituur eens las. Daarna bekende hij met naïeve verwondering aan een vriend, dat het toch eigenlijk wel mooi was. Maar de man die in 1869 op zeer jeugdigen leeftijd het oude werk van Sweelinck in partituur bracht, is hij die de heerlijkheid van Wagner's kunst heeft gebracht in ons land: Henri Viotta.

19

Sluiten