Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

emancipeerde hij de elementen van rhythmus, harmonie en melodie van hun tijdelijke relaties en historisch karakter. De melodie, die de geluidgeworden essentie der ziel is — volgens Schopenhauer het onmiddellijk beeld van den wil zelf, — en de omlijning en belichaming van den rhythmus

— de rhythmus als dans, de primitieve uiting van den toestand der psychische narcose, de beweging in de melodie, beide waarneembaar in tijd —de harmonie, de ontkleuring en verlichting van beide, de schitterende transparantie, het vibreerende geluidschroma, zelf niet in den tijd waarneembaar, het niet zichbewegende,niet het stroomende, wordende, maar het zijnde, de absolute kleurwaarneming voor het gehoor, bewegend en vibreerend op den maatgang van rhythmus en melodie—dan deze drie elementen ontdaan van hunne conventioneele betrekking tot de vormen van religie, leven en kunst,

— zoo schiep Beethoven die toongestalten, die de onmiddellijke aandoening geven van het eeuwige, niet gewordene, niet historische, tijdelooze.

IV

Maar omdat deze eeuw veeleer het voorspel is der volgende tijden, dan het naspel der vorige, en omdat nü alles in deining en gisting is en in de vlottende schemering van gebroken kleuren en krachten, waaruit eenmaal de gaaf-blanke Dag moet rijzen, zijn Kracht en Tegenkracht gelijkelijk de vrucht van den boom des Hedens; en in velen, in wie machtig was de adem der eeuw, is het de eene liefde, die de andere, vijandige, ontkennende

30

Sluiten