Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgens moge men wel bedenken dat een vorst liever te gast gaat bij een vreemden vorst die zijns gelijke is, dan bij een landgenoot die zich door leening en woeker verrijkt heeft.

O ja, het is al te chkwijls gezegd, dat het licht beter was in het „Trippenhuis", dat men beter het intieme karakter van vele der zeventiende eeuwsche schilderwerken genieten kon in de stille bescheidene en kleurlooze vertrekken op den Kloveniersburgwal, maar het is ook een levenvermeerderende gedachte dat er één is geweest in dezen tijd, die, als de oude Hollandsche meesters, den wil en de macht had, zich-zelf uit te spreken, in steen en hymnen van „de beginselen" waarin hij geloofde, en die hem golden voor „eeuwig" en „van goddelijken oorsprong" te getuigen, en vernieuwende den bouwritus, die in lang vervlogen eeuwen belijdenis was van de Eenheid des Levens, te doen wat geen in dit land had vermocht.

„Er zijn drie oorzaken, die de ware kunst in den weg staan: i°. de hoogmoed; de jongeling die zich onafhankelijk gaat voelen, schudt van zich af het erkennen van zijne meerderen; 2°. de luiheid, die daar/ is,waar de verantwoordelijkheid ons dreigt; 30. genotzucht. Men wil Zonder offer en zonder gedurig offeren het hoogste bereiken."

Zoo sprak de bouwmeester tot zijne leerlingen. Maar al mocht een minder gepassioneerde, een minder krachtige, hier allicht „den hoogmoed" bemanteld hebben met de erkenning van een Zekere vijandschap van den geïnitieerde jegens den

117

Sluiten