Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naars hebben haar beleden in woorden* zoowel als in werken* Op deze overtuiging* dat de muziek niet haar doel in zichzelve heeft, berust de muzikale beteekenis van Palestrina. Hij immers wist met het hoogste meesterschap in de contrapuntische schrijfwijze der Nederlanders eene fijne, klare, geestige belijning der melodie te vereenigen. Hij bezielde de melodie, dat wil zeggen: hij maakte haar expressief, hij deed haar niet stamelen als een verwarde en stompzinnige geleerde, noch brallen met het valsche pathos van een slechten comediant of van een bëdriegehjk redenaar, maar spreken met een stem, sterk en' helder van klare en melodische zekerheid*

Sints de zelfstandige ontwikkeling der instrumentale muziek in de laatste driehonderd jaren is het gevaar van vergroving der kunst en het betreden van dwaalwegen natuurlijk grooter geworden, dan in de tijden der enkel-vocale muziek. Maar hier zijn het juist de groote meesters: Handel, als hij waarlijk dramaticus is en zijn diepe kennis der menschelijke hartstochten toont, zonder aan den Rococo-geest zijner tijdgenooten te offeren— Bach, evenzeer in zijn „Wohltemperirtes Klavier" als in zijn gewijde muziek, — Haydn in zijne beide oratoria, Mozart, Gluck en Wagner in de dramatische toonkunst, maar boven allen, de hoogste autoriteit op het gebied der instrumentale muziek: Beethoven, Beethoven, die boven de Pastorale Symphonie de in hun eenvoud zoo diepzinnige woorden schreef: „Mehr Empfindung als Malerei"; zij zijn het, die door hun werken de waarheid hebben bewezen, dat de muziek

184

Sluiten