Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het begrip der persoonlijkheid de maatstaf zijn voor de beoordeeling der werken. Nu komt het mij voor, dat een groote belemmering voor den heer De Boer, om Nietzsche „psychologisch" te begrijpen, niet alleen door gebrek aan innerlijke geestesverwantschap, of affiniteit van temperament wordt veroorzaakt, maar ook door een daarmede samenhangend gemis aan muzikale cultuur. Al moeten wij op grond van enkele uitgegeven composities van Nietzsche (als de voor koor en orkest op text van Lou. Salomé gecomponeerde Hymnus an das Leben, in 1887 bij Fritzsch te Leipzig in partituur verschenen), opmaken, dat hij zich ten onrechte voor een componist hield') — dit verandert niet het minst aan de waarheid, dat Nietzsche een buitengewoon fijn muziekgevoel had en dat hij voor de verklaring der muzikale aandoeningen vele dingen gezegd heeft, die geheel nieuw en van groote waarde zijn. Want over de psychologie van den kunstenaar, en met name van den toonkunstenaar, is eigenlijk door hem voor 't eerst philosophisch gedacht. Hetgeen nu de heer De Boer over Nietzsche's verhouding tot de muziek zegt, wekt het vermoeden, dat hij hier meer of minder in het duister rondtast, bijv. waar hij spreekt van de „hoogere vormen der muziek" en die schijnt te identificeer en met het begrip „dramatische muziek." Eveneens wanneer hij zegt; „De muzikale composities zijn zwak, aan strenge

*) Zie over N*s componeeren den brief van Bülow in Nietzsche's Briefw. III, 2 H. No. 5.

199

Sluiten