Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

46

FREDERIK VAN EEDEN'S ONTWIKKELINGSGANG

scheiding de kern der kwestie te raken. Op Walden ontbrak de eenige geestelijke kracht, die de menschen kan ver* zoenen en bijeenhouden en tot het verwezenlijken der solidariteitsidee vermag te bewegen — te weten de naasten* liefde, in opvolging van Gods wilj Solidarisme, als leuze gemakkelijk, stelt een zware, harde tucht, om naar te leven. Het eischt de overwinning van den mensch op zijn zelf* zucht en een offer op het stuk van de belangen, waaraan de zin voor het materieele zich vastklampt met alle macht. Daartoe is de mensch, die zijn eigen autoriteit wil wezen, niet of in onvoldoende mate in staat. Slechts het erkend gezag der goddelijke wetten kan hem daartoe bewegen, zoodat alleen in en door het christendom een maatschap* pelijke verdrag in solidaristischen zin mogelijk is.

Bij den opzet van Walden werd onvoldoende rekening gehouden met de zwakheid en zondigheid van den mensch, I welke zich openbaart binnen de maatschappij in een tendenz tot ontbinding. Daartegenover is de bewuste christelijke liefde de eenige constructieve maatschappelijke kracht, die de splijtende werking van der menschen haat en tegenzin kan keeren. De christelijke geest was over de hervormers van Walden niet vaardig; aan dit tekort is het bezweken. De solidaristische neigingen, de liefdevolle bedoelingen van den toenmaligen Van Eeden zijn boven twijfel ver* heven; maar aan het verdragen van den medemensen om God, waren de kolonisten niet toe. Maar liever dan onwaardig leedvermaak te scheppen uit hun maatschappe* lijk krakeel, verdiepen wij ons in het tragische van het geval.

t Walden heeft bewezen, dat een solidarisme, hetwelk zijn voldoenden grond zou vinden in 's menschen goedvinden en webwillen alleen, onbestaanbaar is. Het is onbestaan* baar, omdat de mensch, zondig van nature, aan de begeer* lijkheid en aan de zelfzucht onderhevig is. Zoolang hij zijn eigen autoriteit wil zijn en zich niet buigt voor een zedenwet, die hij erkent als van God verordend}

Sluiten