Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FREDERIK VAN EEDEN'S ONTWIKKELINGSGANG

65

benauwenis voor het onontkoombaar einde, dat alles be* teekent op zichzelf de heilige vrees nog niet en kan even goed uitloopen op volslagen wanhoop. Uit zoo'n strakke spanning der ziel kan een blijvende structuur ont* staan öf een onherstelbare breuk. In ieder geval is met dien geestestoestand het kritieke oogenblik aangebroken. Van Eeden heeft de verschrikking van deze bange stonde uitgezongen in de «Elegie». Achteraf is het gemakkelijk, in dezen verbijsterden klaagzang de geboorte der heilige vrees na te wijzen; in het licht van de bekeering wordt de analyse van een ontwikkelingsgang als deze.betrekkelijk • eenvoudig. Wie geen katholieke elementen legt in Van Eeden's vroegere werk, waar zij niet aanwezig zijn, vindt de Elegie van een beangstigende spanning. Hier ging het inderdaad tusschen buigen en breken; en de klaagzang zelf brengt de beslissende keuze niet. De verzuchting over de onvoltooidheid van het onvruchtbare levenswerk, de kreet, dat geen bidden baat brengt, behalve in bevrijdenden deemoed, eindigen in volslagen wanhoop. De kleinachting van eigen werk en de erkenning van onmacht, zijn achteraf licht uit te leggen als teekenen van nederige gezindheid. Maar de wanhopige verzuchting, dat geen bidden helpt, kan even* goed worden verklaard uit een duivelsche inblazing. De wil tot gedweeheid en stilte moge op het oogenblik der Elegie een feit zijn geweest, de verzoeking laaide door die stilte met volle kracht. Den goeden wil vermocht zij echter niet te breken; de heilzame overweging ging voort.

De Schrift leert: gedenk uwe uitersten, en gij zult in eeuwigheid niet zondigen. Inderdaad zijn ouderdom en! dood veilige bakens voor den mensch, die ze onverschrokken en van volstrekt standpunt in het aanschijn ziet. Zij hebben ' Van Eeden tot overwegingen gebracht, welke hem hooger hebben verheven, en dieper verhelderd dan al de macht van zijn redeneerend verstand. Hij overwoog, dat alles wisselvallig is en ongewis in het leven. Met het rijpen der jaren, naarmate den mensch elke schijn van bezit ontzinkt,

5

Sluiten