Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORWOORD.

Onze dagen kenmerken zich door een bij uitstek kritischen zin: wat tot nu toe, op welk gebied van wetenschap dan ook, als onvergankelijke en volstrekte waarheid gegolden heeft, kan geen stand meer houden voor den onderzoekenden geest des tijds, en nieuwe problemen van verre strekking doemen daar op, waar men rotsvast en te goeder trouw meende tot het inzicht van het absolute gekomen te zijn. Ook het socialisme — misschien is beter gezegd het socialisme wel het allermeest — heeft deze vuurproef te doorstaan: in zijn tegenwoordigen wetenschappehjken vorm tegenover de oudere organisatie-systemen der gemeenschap staande als de jongste onder de broederen, voelt het den grondslag zelf van zijn systeem aangevochten en betwist, in eigen gelederen tenslotte aan een nauwkeurig kritisch onderzoek onderworpen.

Henriette Roland Holst, in haar inleidend woord voor de Nederlandsche vertaling der brochure van Leo Trotzky „De Oorlog en de Internationale", schrijft dat men „twijfel voelt opkomen aan het vermogen der wetenschap van de maatschappij, om zelfs met behulp van de marxistische methode de algemeene lijnen der maatschappelijke ontwikkeling in zoo hooge mate te kunnen vooruitzien als de aanhangers dezer methode dit doorgaans aannemen". Zij vervolgt, dat „deze twijfel tot nieuwe, grootsche perspectieven in de wordende wereldbeschouwing van het dialektisch monisme kan voeren, zonder de enorme waarde der marxistische methode tot het opsporen van de f a ktoren der maatschappelijke ontwikkeling en het verklaren van de sociale wortels der ideologieën in het minst te verkleinen".

Met name oordeelt zij „de gewone interpretatie en vulgarisatie van het historisch materialisme al te zeer mechanisch en symplistisch, en in hooge mate ten achter geraakt bij de ontwikkeling der wetenschap, speciaal bij die der biologie en der psychologie", en nadrukkelijk constateert zij, dat „er in den mensch nog andere krachten werken dan in de natuurfaktoren der z. g. n. „doode sto f", (of althans krachten in een verder stadium van ontwikkeling), geestelijke krachten

5

Sluiten