Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fieeeren als „een proces tusschen mensch en natuur, een proces, waarin de mensch zijn stofwisseling met de natuur door zün eigen daad teweegbrengt, regelt en controleert. Tegenover de natuurstoffen treedt hij op als zelf een natuurmacht. De bij zijn lichaam behoorende natuurkrachten, armen en beenen, hoofd en hand, brengt hij in beweging om de natuurstoffen in voor zijn eigen leven bruikbaren vorm tot zich te nemen. Terwijl hij door deze beweging op de natuur buiten hem werkt en haar veranderingen ■doet ondergaan, verandert hij tevens zijn eigen natuur."

Vandaar dan ook dat „in het arbeidsproces de bezigheid van den mensch — a tool-making animal — door het arbeidsmiddel, dat hem dient als geleider van zijn werkzaamheid op het arbeidsvoorwerp, een van te voren gewilde verandering in het arbeidsvoorwerp teweeg brengt. Het proces houdt op met het produkt. Zijn produkt is een gebruiksartikel, een door vormverandering voor menschelijke behoeften gereed gemaakte natuurstof. De arbeid is verstoffelijkt en de stof is verarbeid. Wat aan den kant van den arbeider als beweging zich voordoet, verschijnt aan den kant van het produkt als eigenschap van rust, in den vorm van het zün. Hij heeft gesponnen en het produkt is een spinsel."

Marx merkt verder op dat een werktuig, dat niet in het arbeidsproces dient, nutteloos is, en bovendien lijdt onder den vernietigenden invloed van de natuurlijke stofwisseling: het ijzer verroest, het hout vergaat. „De levende arbeid moet deze dingen opvatten, hen van den doodslaap bevrijden, in hen de mogelijkheid van gebruiksnuttigheid omzetten tot werkelijke en werkzame gebruiksnuttigheid. Door het vuur van den arbeid omhelsd, als lichamen aan hem prijs gegeven, opgewekt tot de vervulling van hun bestemming in het proces, worden zij wel is waar ook verteerd, maar overeenkomstig een doel, nl. als bestanddeelen van nieuwe gebruikshchamen, van nieuwe produkten, geschikt om als levensmiddelen in persoonlijk verbruik of als produktiemiddelen in een nieuw arbeidsproces over te gaan." In dit verband wordt dan ook gesproken van „produktiemiddelen, die, in de natuur aanwezig, geen verbinding zijn van natuurstof en menschelijken arbeid."

Het arbeidsproces is het onderwerpen van de natuur aan de menschelijke behoeften, en in wezen niets anders dan „de algemeene noodzakelijkheid der stofwisseling tusschen mensch en natuur, eeuwige natuurlijke noodzakelijkheid van het menschelijk leven, en dus onafhankelijk van iederen vorm des levens, veeleer

43

Sluiten