Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DIETZGEN'S WIJSBEGEERTE.

Toch laat Marx zich een enkele maal uit omtrent de verhouding tusschen 'bewustzu'nsverachijnselen en stoffelijke processen, zooals hij deze'Opvat; in het hoofdstuk van het afgodskarakter van de waar en ^ajn geheim, bedient hij zich van de volgende vergelijking:

„Zoo doét ziéh de lichtindruk van een ding op de gezichtszenuw niet voor als een subjectieve prikkel van de gezichtszenuw zélf, maar als de zakelijke vorm van een ding buiten het oog. Maar bij het zien wordt werkelijk licht van een ding, het uitwendig voorwerp, op een ander ding, het oog, geworpen. Het is een natuurkundige betrekking tusschen natuurkundige dinge n."

Het zien is hier gedacht als een natuurkundige functie tussehen twee natuurkundige verschijnselen, het oog eenerzijds en het licht anderzijds, en uit hunne onderlinge verhouding ontstaat nu een derde verschijnsel, hetwelk voor Marx alleen objectieve beteekenis heeft en hetwelk hij, ook als bewustzijnsverschijnsel, materieel, d. w. z. als zuiver zintuigebjke waarneming, behandelt: aan deze vergelijking ligt ten grondslag het uitgangspunt, dat de natuurwetenschappelijke objectenwereld de eenige, alles omvattende werkelijkheid is. De vraag hoe het verklaarbaar is, dat met mechanische processen, i. c. netvliestrillingen, bewustzijnsverschijnselen gepaard gaan — „wat in zijn wezen onstoffelijk en onruimtelijk is, is voor altijd onherleidbaar tot wat in zijn wezen uitsluitend stoffelijk en ruimtelijk is" —, deze vraag wordt door Marx in het gehéél niet gesteld: het geestelijk leven behandelt hij eenvoudig met de denkmiddelen der natuurwetenschap, hetzij dan de mathematische, hetzij dan de biologische, en wat de werking der lichtstralen is op de gevoelige plaat in de camera, is hem het zien ais bewustzijnsverschijnsel, een materieel proces zonder meer.

Volkomen in het kader van denzelfden gedachtengang past de vergelijking, waarmede Marx zijn beschouwingen over de algemeene wet der kapitalistische akkumulatie toelicht: „Zooals in den godsdienst de mensch beheerscht wordt door maaksels van zijn eigen hersens, zoo wordt hij in het kapitalisme

50

Sluiten