Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De schrijver van „Het Kapitaal" heeft zich van zün aan de biologie of eenige andere natuurwetenschap georiënteerde wereldbeschouwing eerst een psychologisch, daarna een maatschappelijk materialisme gemaakt. Marx is er toe géküniwn. om, zonder eenigen grond, het kendoel van êene wetenschap te veralgemeenen tot het kendoel van alle wetenschap en, volkomen willekeurig, haar methode tot de eenige, de universeele methode, te' verabsoluteeren: waar hem, ter verklaring van het wezen van den mensch, de natuur dient als de alomvattende werkelijkheid, daar vervult hem ter verklaring van het wezen van den maatschappelüken mensch, waarin de persoonlijke mensch zich oplost, de wetenschap der stoffelijke produktie als de wetenschap van d e' waarheid, d e werkelijkheid op economisch gebied, dezelfde allesbeheerschende functie. Een beroep op Robinsonnaden ter verklaring van de verschünselen in onze burgerlijke samenleving verwerpt Marx dan ook absoluut; „alle betrekkingen nl. tusschen Robinson en de dingen, die zün zelfgeschapen rijkdom uitmaken, zijn hier zóó eenvoudig en doorzichtig, dat een ieder deze zonder bü'zondere geestesinspanning kan begrijpen: zü zün nl. zün uitsluitend persoonbjk produkt, en dienen hem derhalve direkt als gebruiksvoorwerp". In de hedendaagsche samenleving echter is een maatschappelijke verhouding ontstaan, die de produkten een van hun werkelijkheid afwükende fantastische gedaante, den warenvorm, doet aannemen, waardoor de maatschappelijke verhoudingen van de personen in hun arbeid niet meer verschijnen als hun eigen, persoonhjke verhoudingen, maar verkleed zün als maatschappelijke betrekkingen van de dingen, van de arbeidsprodukten, als waardemassa's beschouwd, zoodat de personen, hoe overigens' hun karakter moge beoordeeld worden, hier enkel voor elkaar bestaan als vertegenwoordigers van waren en dientengevolge als warenbezitters.1)

Het ekonomisch aangezicht van de menschen uit de tijden van de Robinsonnaden en de duistere Europeesche middeleeuwen, ver-

') Uit dezen gedachtengang blijkt duidelijk, dat in de ruilwaarde, als de «enig mogelijke uitdrukking of verschijningsvorm der waarde, zich manifesteert een maatschappelijke verhouding: vgl. 'hierboven blz. 21 en 47, en Het Kapitaal, waar Marx, in Hegeldaansohen gedachtengang zoekend naar een in de dingen wonend begrip, zoo scherp aangeeft, dat, bij het ontstaan der ^ "« groot-iimJiustrie, „den arbeidsproducten, hoewel zij er juist zoo uitzien als vroeger, een nieuwe maatschappelijke ziel in het lichaam is gevaren."

88

Sluiten