Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fri zijn ondergang tevens. De omschrijving van haar eigenlijke strekking is niets meer en niets minder dan de omschrijving van het geheele huidige sociale leven in al zijn uitingen, de idee van de waar is overal en altijd, of nergens en nimmer, hare nadere aanduiding als alles in zich begrijpende, een onbegonnen arbeid, en toch, hoe onvolledig ook, altijd juist, omdat die idee de volle werkelijkheid beheerscht, zij is, als de cirkel, die tot zijn uitgangspunt terugkeert, zonder begin en zonder einde, en die alles omvat en alles uitsluit, al naar gelang van het punt, vanwaar men haar beziet: in haar is kortweg belichaamd een gesloten stelsel van levens- en wereldbeschouwing, dat de materie verabsoluteert tot de alomvattende werkelijkheid, zóó als Hegel zich voorstelt de verwezenlijking van de absolute idee in de zelfontwikkeling van het begrip.x) Binnen elk maatschappelijk levensproces, dat opgetrokken is op den werkelijken, reëelen grondslag van het stoffelijk produktieproces, constateert Marx het werken van de bijzondere natuurwetten, „die het ontstaan, het wezen, de ontwikkeling, den dood van een gegeven maatschappelijk organisme en zijn vervanging door een ander en hooger organisme regelen", — en die, voeg ik er hier weer aan toe, de souvereiniteit der persoonlijkheid aantasten —, maar allerminst sluit hij bij deze beschouwingen het historisch proces uit: integendeel erkent hij zeer nadrukkelijk, dat „de hedendaagsche maatschappij geen onbewegelijk kristal is, maar een veranderbaar en voortdurend in een veranderingsproces begrepen organisme", waardoor hij ontkomt aan de gebreken van het abstrakt-natuuwetenschappelijk, het zuiver mechanisch materialisme, waaraan het ontwikkelingselement ontbreekt. 2)

Maar binnen de grenzen van deze wetenschap der stoffelijke produktie, moet de maatschappij de natuurwet van haar zelfbeweging ontdekken, en met het voorbehoud van de eigen ont-

') Lenin doet Tan d'i t inzicht in het waarde-vraagstuk blijken, waar hij op eene uitnoodiging om zijn oordeel te geven over de beteekenis van het Internationale Gerechtshof in den Haag, mededeelt, dat „het hem onmogelijk ia in de pers der bourgeoisie zijn imeening te uiten over decoratieve instellingen der kapitalistische overheersohing" (N. R. C. 26 Maart 1922, Ochtendblad C): het Hof is hem niets anders dan een internationale constructie van de waarde-idee in hoogere orde, opgetrokken op de idee der klasse-justitie.

*) „In groszen Umrissen können asiatische, antike, feudale und modern bürgerliche Produktionsweisen als progressive Epochen der ökonomischen Gesellschaftsformation bezeichnet werden." (Voorwoord bij Zur Kritik der politischen Okonomie).

Vgl. de noot op blz. 83.

91

Sluiten