Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoe eng mechanisch Marx' arbeidsidee is, blijkt ten slotte wel overduidelijk uit de opvatting, die hij heeft van den eenvoudigen tegenover den meer ingewikkelden arbeid, den wat hij elders arbeid van hoogere capaciteit noemt: „Aber wie mit der komphzierten Arbeit, die sich über das Durchschnitts-Niveau erhebt als Arbeit von höherer Lebendigkeit, gröszerem spezifisichen Gewicht? Diese Art Arbeit löst sich auf in zusammengesetzte einfache Arbeit, einfache Arbeit auf höherer Potenz, so dasz zum Beispiel ein komphzierter Arbeitstag gleich drei einfachen Arbeitstagen ... Dasz die Reduktion aberstattfmdet, ist klar: denn als Tauschwert ist das Produkt der kompliziertesten Arbeit in bestimmter Proportion Aquivalent für das Produkt der einfachen Durchschnittsarbeit, also gleichgesetzt einem bestimmten Quantum dieser einfachen Arbeit." *)

Juist zooals de mechanica zelfs in de meest ingewikkelde machinerie niets ziet dan de voortgezette toepassing van de enkelvoudige werktuigen, — omschrijving ontleend aan „Het Kapitaal" —, ziet de psychologie van Marx in den hoogstetaanden menschelijken arbeid niets meer dan een veelvoud van „die einfache Arbeit" ■ zóó vanzelfsprekend is voor Marx deze opvatting, dat „eenvoudigheidshalve in het vervolg iedere soort van arbeidskracht onmiddellijk geldt als enkelvoudige arbeidskracht, waardoor slechts de moeite van de herleiding bespaard wordt." 2)

kelijke -waarheid van wat anderen beweren, volkomen; ik verwijs naar den Communistischen Gids, 1922, 2e aflevering, waar hij afrekent met allen, die zoo ,4om" geweest zijn, hem niet te begrijpen: dit is een gevolg van' het „heerlijke gevoel" zijner „Hegelische-marx'sche Ueberlegenheit" x) Zur Kritik, blz. 6.

Dezelfde voorstelling treffen wij aan in Het Kapitaal, I, onderafdeeling: Het dubbele karakter van den in de waren beiichaamden arbeid: „Samengestelde arbeid geldt slechts als arbeid in een hoogere macht, of veeleer als verveelvoudigde enkelvoudige arbeid, zoodat een kleinere hoeveelheid samengestelde arbeid gelijk is aan een grootere hoeveelheid enkelvoudigen arbeid."

') Hoe nu, naar Hegeliaanschen betoogtrant, ook hier, evenals inr de natuurwetenschap, de wet werkt, overeenkomstig welke wat naar hun aard slechts hoeveelheideverschiUen zijn, op een gegeven oogenblik omslaan dn verschillen van soort, het vraagstuk dus van de afleiding van de quantiteit uit de qualiteit en den „omslag" van de qualiteit dn de quantiteit, hoop ik in een volgend hoofdstuk .nog kort te vermelden.

Zeer duidelijk komt dit verband udt dn Marx' bebouwingen over den Algemeenen Waardevorm, waar wij de navolgende kenschetsende zinsnede lezen:

114

Sluiten