Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kennistheorie in den zin der Kantiaansche wijsbegeerte ver achter zieh liggen. Naar de heldere uiteenzetting van de Sopper, „kan Hegel er niets anders in zien dan een poging om, voordat men gaat denken, al denkende uit te maken, wat de waarde is van het denken." *)

Zal nu inderdaad het denkproces met het wereldproces samenvallen, dan moet het, aangezien overal geldt de formule van de zelfbestendiging door zelfverkeering, tot het wezen van het logische behooren, voortdurend het andere van zichzelf, zijn eigen negatie, het onlogische, voort te brengen en weer op te heffen, m.a.w. wanneer elk begrip zijn begrenzing vindt in zijn ontkenning, moet het logisch denken dialectisch zijn. Inderdaad openbaart zich nu voor Hegel's besef de voortgang van het logisch denken als een dialectisch proces: overeenkomstig het „was überhaupt die Welt bewegt, das ist der Widerspruch", houdt voor het denken geen enkele gesteldheid stand, iedere gesteldheid draagt de tegenstrijdigheid in zich, waaraan zij te gronde gaat. Alles verkeert zich in zijn tegendeel, elke these slaat dialectisch in haar antithese om, en zoo blijkt ook het logische werkelijk aan den gestelden eisch te voldoen en dialectisch uit eigen innerlijke noodzakelijkheid gedurig het onlogische, als onmisbaar moment, voort te brengen en op te heffen: aldus komt men tot de volle werkelijkheid zelve, wanneer men de zelfontwikkeling en de zelfbeweging der begrippen denkend nagaat. „In der Einheit den Gegensatz Und in dem Gegensatz die Einheit zu wissen, dies ist das absolute Wissen": het eenige vaste en blijvende is de negativüeit, dié alles doet wankelen en omslaan, en alleen dat houdt stand, wat als het absolute zich weer kan vinden in het relatieve. Zoo is voor Hegel het absolute proces doorzichtig geworden als het logische proces: hij bouwt zich een geheel systeem van begrippen, waarin zoowel denken als werkelijkheid begrepen is en waarbinnen de veeleenigheid van denken en zijn verloopt in éénzelfde schema.

Hegel's philosophie is dus een streng wetenschappelijk, logisch systeem, dat als doel heeft ontwijfelbaar zekere kennis van het Absolute te geven; het is een volstrekt idealisme, een stelsel,

T.a.p. blz. 31.

„Man musz sioh nur wundern, so ©ft wiederholt gelesen zu haben, man wisse nicht, was das Ding-an-sich sei; und es ist nichts leiehter, als dies au wissen." (Encyklopadie der philosophischen Wissenschaften im Girundrisse).

Hieruit blijkt een keer te meer, hoe kortzichtig de kritiek van Engels en Dietzgen is, waar zij te velde trekken tegen de „Dinge an sieh" van Kant.

203

Sluiten