Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oordeelen, geheel iets anders is dan dat van zijn dualistische levensleer, binnen welker raam ook op andere wijze dan door bemiddeling van de denk- en aanschouwingsvormen van den menschelijken geest iets in het empirisch bewustzijn kan worden opgenomen. Het is de verdienste van Bernstein geweest, dat hij op den wijsgeerigen grondslag van Marx' naturalistische, uitsluitend aan de natuurwetenschap georiënteerde, en in Hegeliaanschen geest doordachte maatschappübeschouwing, de aandacht gevestigd heeft: naar de verklaring van Vorlander — die hem overigens welgezind is, en met waardeering spreekt over zijn pioniersarbeid in deze, bi tegenstelling bijv. met Plechanow en Stammler — „beruht aber Bernsteins berühmte Rückkehr zu Kant, trotz mancher Aualogien im einzelnen, in letzter Linie doch „auf einem Miszverstandnis"." y)

Sinds Bernstein's optreden wordt het „Zurück auf Kant" in de socialistische gelederen meer bewust aangeheven, en ontstaat er, zoowel in Duitschland als daarbuiten, een geheele school van Kantiaansch aangelegde socialisten, die zich ten doel stelt het ideëele element in het materialistische marxisme te versterken; in ons land is Troelstra tot op zekere hoogte, met zijn streven naar een verheffing van de idee der persoonlijkheid, en zijn zoeken naar een bevrediging van den religieuzen aanleg der menschen, een aanhanger van deze richting.

Het verschil tusschen het revisionisme van Bernstein en het sindsdien zich baan brekende Neo-Kantianisme in de sociaaldemocratie kan men dan ook m.i. het scherpst formuleeren, door het eerstgenoemde te omschrijven als het intuïtieve, in Kantiaanschen geest doorvoelde streven te breken met het materialistische karakter van Marx' arbeid, zonder dat dit zich zelve evenwel bewust was, althans zonder dat dit zich zelf positief rekenschap gaf van zijn juiste verhouding tegenover Kant's wijsbegeerte; eerst het stelselmatig pogen Marx' arbeid te fundeeren op de wijsbegeerte van den Koningsberger philosoof stempelt het revisionisme tot het NeoKantianisme in de sociaal-democratie. De Neo-Kantianen onder de socialisten zijn de bewuste en met zichzelf tot overeenstemming gekomen dragers van de denkbeelden, die in embryo en als het ware meer spontaan dan principieel bij de revisionisten tot uiting kwamen.

Na het eenigszins schuchtere geluid, dat Bernstein in deze richting deed hooren, komt Woltmann in zijn reeds vaak geci-

*) Zie blz. 189.

228

Sluiten