Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

raadsel, opgelost als dit onmiddellijk is in de voorstelling, dat als ■waardeMehamen de waren eenvoudig gestolde massa's menschelijke arbeid zijn, en het geld dus als het ware een bijzondere specie is van die algemeene genus, „loutere gelei van onderscheidsloozen menschelijken arbeid", waarin die genus dus als het ware zijn eigen stoffelijken versehü'ningsvorm, en tevens zijn meetbaarheid vindt.

De geldwaar is dus niets dan de constructie van. de warenidee in een hoogere orde.

In een betoog, toegeücht met allerlei technische, doch slechts quantitatief van elkaar verschillende begrippen, als eenvoudige, enkelvoudige of toevallige waardevorm, relatieve waardevorm, volledige of ontwikkelde en algemeene waardevorm, equivalentvorm, enz., en waarvoor eene verwijzing naar „Het Kapitaal" volsta, toont Marx nu aan, dat het lichaam van de waar, die tot algemeen equivalent dient van alle andere waren, steeds geldt als „de behchaming van abstract menschelijken arbeid, en dus steeds het product is van bepaald nuttigen, concreten arbeid". Het geld heeft dus tot functie uit te drukken dat, en hoeveel van het waardevormende gehalte van den arbeid in de verschillende arbeidsproducten is gematerialiseerd, of, mét de woorden van Marx zelf, die eerst geconstateerd heeft, dat de ruilwaarde een bepaalde maatschappelijke manier is, om den aan een zaak besteden arbeid uit te drukken:

„Alle Illusionen des Monetarsystems stammen daher, dasz dem Geld nicht angesehen wird, dasz es ein gesellschaftliches Produktionsverhaltnis darstellt, aber in der Form eines Naturdinges von bestimmten Eigenschaften".x)

Marx' logische en zuivere gedachtengang treft ons ook hier, waar hij in een uitermate scherpzinnig, deductief betoog, de warenidee eenmaal vooropgezet, zijn gevolgtrekkingen maakt in de geldleer.

Als uitgangspunt noemt hij den eenvoudigen waardevorm van een waar als den eenvoudigsten verschijningsvorm van de in haar vervatte tegenstelling tusschen gebruiksnuttigheid en waarde^ dit te doorzien beteekent al eigenlijk het geldraadsel op te lossen. Immers: „de waarde van een waar, het linnen bijv. kan uitgedrukt worden in tallooze andere elementen van de warenwereld. Ieder ander warenlichaam wordt de spiegel van de hnnenwaarde.

*) Zur Kritik, blz. 11.

271

Sluiten