Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

quantiteit als grondslag van de qualitatslose Arbeit. 220. — De Hegeliaansche opvatting van de leer der drieëenheid, dat Vader en Zoon, de Schepper en het Geschapene, opgaan in den Geest, is de grondslag van de Marxistische leer, dat waarde en meerwaarde, via de zichzelf bevruchtende waarde, vereenigd worden in het eindproduct. 222.

Kantiaansche Marxisten; het Neo-Marxisme.

Op economisch gebied wil het socialisme zich nader oriënteeren aan Kant's wijsbegeerte. 224. — Marx laat zich niet uit over zijn verhouding tegenover Kant, Engels wel. 225. — Woltmann en de Neo-Kantiaansche Marburgerschool willen het socialisme ontdoen van zijn amoreel karakter. 226. — Bernstein de eerste, die zich beroept op ethische momenten in de Marxistische leer. 227. — Bernstein's opvatting is het intuïtieve, in Kantiaanschen geest doorvoelde streven, te breken met het materialistisch karakter van Marx' arbeid. 228. — Bij Woltmann wordt dit streven meer bewust. 229. — Kritiek op Woltmann. 230. — Hij breekt met het strakke, absolute, in zichzelf gesloten systeem van Marx. 232. — Woltmann wil het Marxisme los maken van het Hegelianisme. 234. — Hij meent zelfs, dat Marx zich niet bewust was van zijn nauwe verwantschap met Kant's wijsbegeerte. 235. — De verloochening van Hegel wordt de leuze der Kantiaansch voelende socialisten. 236. — Natorp wil het socialisme fundeeren op den bodem der kritische wijsbegeerte: hij heeft geen inzicht in de materialistische constructie der waarde-idee. 237. — Cohen noemt Kant „den wahren und wirklichen Urheber des deutschen Sozialismus": hij bepleit een „radikal aufgeben" van het materialistische fundament. 238. — Ook in Frankrijk aanhangers van dit Neo-Marxisme. 239. — In Busland evenzeer: ook hier hetzelfde principieele vraagstuk. 241. — De fout van deze richting komt mij voor tezijn, dat zij de wijsgeerige fundeering van Het Kapitaal 4iiet zoekt in de waardeidee als Marx' „gestolde" materialistische levensleer. 242. — Duidelijk blijkt dat bij Vorlander. 243. — Marx' materialistische wereldbeschouwing ziet van alle waardebeoordeeling, ja van alle in betrekking brengen tot waarden principieel af. 245. — Het Neo-Kantiaansche standpunt, met name dat van Woltmann, de scherpste kritiek op Marx. 246. /

Sluiten