Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten, uitgestrekte vingers en de handpalmen tegen elkander gelegd, ten groet omhoog worden geheven.

Awalokitecwara, de Dhyani-Bodhisattwa behoorende bij Amitabha. Als bestuurder van het Heelal gedurende dezen Kalpa (wereldperiode), is hij een der belangrijkste figuren ba het MahayaUa-Pantheon.

Awatara, verschijninsgvorm van een Godheid, vooral van Wishnu.

Bhümisparca-mudra, gebaar, waarbij de hand met de toppen van de vingers naar de aarde is gericht, terwijl de handpalm naar onder is gekeerd. Door deze mudra roept de Buddha de aarde tot getuige tegen Mara, den „Booze".

Bodhisattwa, volgens het Mahayana elk wezen, dat, na de verschillende graden van heiligheid bereikt te hebben, op den laatsten trap staat voor het bereiken van het Buddha-schap.

Borobudur, de grootste en schoonste der bekende stüpa's, gelegen op Java ba het midden der vruchtbare vlakte van Kedu. Het geweldige bouwwerk is waarschijnlijk ba de tweede helft van de achtste eeuw van onze jaartelling gesticht.

Buddha, de „Verlichte", wordt elk wezen genoemd dat, tengevolge van het verkrijgen van de Absolute Wijsheid, bevrijd is van den kringloop der wedergeboorten en dus den toestand van Nirwana heeft bereikt.

Als kenteekenen draagt hij o.a. aan het hoofd: 1°. de Ürna, ba het midden van het voorhoofd; 2°. de Üshnisha, middenop den schedel; 3°. naar beneden lang uitgegroeide ooren, als teeken van Wijsheid en 4". korte, naar rechts omgekrulde haren, (in de plastiek niet altijd aldus weergegeven).

57

Sluiten